Een van onze oud-bewoners van het Sarphatihuis, Paulalien, stond in mei 2018 in Het Parool in de rubriek Amsterdammer helpt Amsterdammer. Nu ze stervende is vanwege de longziekte COPD, wil ze namelijk weer contact met haar dochter die ze 20 jaar geleden voor het laatst zag. Ze wil haar graag nog één keer vasthouden. In de rubriek vraagt ze om hulp bij het verzamelen van geld voor de reiskosten, zodat haar dochter vanuit Berlijn naar Amsterdam kan komen.
Paulaliens begeleider Tessa vertelt: ‘Paulalien woont al een tijdje via HVO-Querido. Ze is een hele leuke en fantasierijke transvrouw, behoorlijk theatraal ook. Het is verdrietig dat ze door haar ziekte weinig meer kan. Sinds een paar maanden heb ik nu contact met haar dochter. Ik hoop dat ze elkaar zullen ontmoeten en dat de dochter iets kan gaan begrijpen van het leven van haar vader.’
Inmiddels is de hartenwens van Paulalien in vervulling gegaan: ze is opnieuw in contact gekomen met haar dochter Vivian die in Berlijn woont. Hoewel Paulalien met haar verhuizing naar een verpleeghuis vanwege een chronische longaandoening feitelijk geen klant van HVO-Querido meer is, zoekt persoonlijk begeleider Tessa Hamers haar voormalige cliënt nog regelmatig op.
Van het platteland naar de stad
Paulalien is geboren in Enschede en groeide op als kind van boerenouders in het Drentse Beilen. Paulalien is echter veel meer een stadsmens. ‘Ik heb bijna mijn hele leven in steden gewoond,’ vertelt ze op haar gezellige kamer in het Amsterdamse Dr. Sarphatihuis. ‘Mijn broer woont nog altijd in Beilen. Hij heeft de boerderij overgenomen. Voor hem is het juist andersom. Hij voelt zich slecht op zijn gemak in de stad, dat is hem veel te druk.’
‘Ik houd juist van de stad. Amsterdam en Berlijn zijn mijn favoriet,’ benoemt Paulalien. ‘Ik heb veel mensen om me heen nodig, dat fascineert mij. Ik houd van publiek, van aandacht. Het leven is voor mij een voorstelling. Ik maak makkelijk contact met mensen, ook met wildvreemden, ik zoek dat bewust op.’
Contact met dochter Vivian
Paulalien kwam via Facebook weer in contact met haar dochter en ze hebben elkaar inmiddels ontmoet. ‘Het was echt heel bijzonder om mijn dochter Vivian na al die tijd weer te zien en in mijn armen te kunnen sluiten,’ vervolgt Paulalien. ‘Heel emotioneel ook. Vivian accepteert me. Ze is heel ruimdenkend en begripvol, ze neemt mij niks kwalijk. Dat zo’n jong iemand al zo verstandig en wijs kan zijn!’
‘Wij lijken op elkaar qua gedrag en interesses,’ gaat Paulalien verder. ‘Ik zie tenminste veel overeenkomsten. We zijn allebei kunstzinnig en hebben gevoel voor het theatrale. Zij maakt bijvoorbeeld juwelen en sierraden, terwijl ik altijd heb getekend en geschilderd. We houden allebei ook van zingen, van performen.’
Paulalien: ‘En we zijn allebei verslaafd aan snoep. Echt van die zoete, felgekleurde foute snoep. Als ik daar een zakje van heb, dan stuur ik haar een foto daarvan, gewoon om een beertje te plagen. We appen best vaak met elkaar. Dat is heel gezellig.’
‘Ik hoop dat zij dit hoofdstuk nu ook op een goede manier kan afsluiten. Ze heeft ten slotte heel lang geen vader gehad. Ik weet wat dat is want ik ben zelf geadopteerd. De appel valt niet ver van de boom,’ legt Paulalien uit.
Geen puf meer
‘Tot voor kort woonde ik aan de Bloemgracht,’ vertelt Paulalien. ‘Dat is een van de mooiste plekjes van Amsterdam, maar het ging niet meer, op mezelf wonen. 
Paulalien leeft op dankzij Vivian
‘Het is bijzonder dat Paulalien nog leeft,’ vertelt begeleider Tessa. ‘We zijn al een paar keer naar het verpleeghuis geroepen omdat men dacht dat haar einde nabij was. Ze was niet alleen ziek, maar ook heel somber en ze leek het niet meer te zien zitten. Dat is veranderd sinds het contact met haar dochter is hersteld. Daarmee heeft ze weer een doel, iets om voor te leven en dat geeft blijkbaar wat nieuwe energie. En daar komt natuurlijk bij dat de verzorging hier heel goed is, met veel rust en regelmaat en goed en geregeld eten.’
Overpeinzing over eenzaamheid van Paulalien
Zit in m’n kamer en ben tevree. Of ik wat mis is niet te zien. Mijn arrogantie speelt bij veel facetten van mijn leven een rol. Het woord ‘eenzaamheid’ is niet van toepassing. Wat kan ik liegen naar mezelf. Eenzaamheid is wel van toepassing. Ik zoek naar afleiding, ik houd me tam. Maar de eenzaamheid maakt me bang.


