Met een behoorlijke vaart stuurt Renée van Dam de kleine witte auto van het HVO-Querido Nachtteam kordaat door de donkere, stille straten van Amsterdam Slotervaart. Het is bijna uitgestorven in dit deel van de stad. Een taxi in de verte, een eenzaam zwalkende fietser, meer komen we niet tegen.
Renée is een van de zes medewerkers van het HVO-Querido Nachtteam. Ze werken altijd met z’n tweeën. Vannacht is dat samen met Nienke Post. Beiden zijn ervaren persoonlijk begeleiders die al geruime tijd bij HVO-Querido werken.
Luisteren aan de deur
Renée vertelt: ‘We zijn onderweg als reactie op een vooraanmelding. Dat betekent dat een collega ons van tevoren gevraagd heeft om een paar keer per maand langs te gaan bij een locatie. Bijvoorbeeld om te kijken of alles goed gaat met een cliënt, maar ook om te controleren of er sprake is van overlast op een bepaald adres. Dat laatste gaan we nu bekijken en vooral beluisteren. Zo kan HVO-Querido snel en 24 uur per dag inspelen op hulpvragen en signalen van overlast.’
We parkeren de auto een straatje verderop en lopen heel rustig een rondje om het blok van de woning en luisteren zelfs even aan de deur. Alles is rustig, we horen helemaal niets. De hele straat lijkt in diepe slaap te zijn.
‘Wij doen dit zo stil mogelijk,’ vertelt Nienke, ‘om niet zelf overlast te veroorzaken. Als iemand rustig ligt te slapen, gaan wij hen niet wekken om te controleren of alles in orde is. Dan maak je problemen waar die niet zijn. Als we niks horen, is dat prima. We rapporteren onze bevindingen aan het team dat de cliënt begeleidt en dat komt in het dossier.’
Geen crisis is goed nieuws
Hierna rijden we de stad in voor een zelfde soort controle op geluidsoverlast bij een pand in Oud-West waar een aantal jongeren woont. Hoe dichter we bij de binnenstad komen, hoe drukker het wordt.
Ondanks het nachtelijk uur is er nog behoorlijk wat leven op straat. Mensen hangen rond bij horecagelegenheden, cafégangers roepen elkaar toe. Bij de woonvoorziening lijkt alles stil te zijn, maar Nienke wil het zeker weten en maakt een rondje over de galerij van de verdiepingen. Ook daar is het gelukkig rustig.
We rijden terug naar het kantoor aan de Johan Huizingalaan. ‘Ik ben nu niet teleurgesteld dat er bijvoorbeeld geen lawaai was. We zijn niet voor niks geweest,’ stelt Nienke. ‘We hebben vastgesteld dat het rustig was en dat is goed. We zijn niet sensatiebelust, geen crisis is goed nieuws.’
Vooral telefonisch werk, verrassend genoeg
Het Nachtteam waakt over heel Amsterdam en Diemen. Toch is het uitrukken en rondrijden maar een deel van het werk van de nachtdienst. Verreweg de meeste meldingen worden telefonisch afgehandeld.
De meeste bellers zijn cliënten die op zichzelf wonen met ambulante begeleiding en bewoners van kleine woonvoorzieningen waar geen nachtwaker is. De telefoons van veel kantoren van de ambulante teams staan ’s nachts doorgeschakeld naar de nachtdienst. Dus als een klant naar de begeleiding belt krijgt hij of zij automatisch de nachtdienst aan de lijn. Door een technisch foefje krijgen de twee dienstdoende medewerkers van de nachtdienst om beurten telefoon.
Op dat moment word er juist weer gebeld. Nienke praat een tijdje met een jonge vrouw uit Diemen en het lukt haar om de cliënt gerust te stellen. Aan het eind van dat gesprek wil deze klant best even vertellen wat zij van de nachtdienst vindt: ‘Als ik ’s nachts in paniek ben, dan kan ik jullie gewoon bellen. Dat vind ik een fijn gevoel.’
Het Nachtteam als slaapliedje
‘We hebben ook een wisselend groepje van zo’n twintig, dertig vaste bellers,’ aldus Nienke. ‘Mensen die zich vaak eenzaam voelen, die niet kunnen slapen en die meestal geruststelling en een vorm van bevestiging zoeken. Zo’n nachtelijk telefoongesprek werkt een beetje als een slaapliedje. Die mensen kennen we inmiddels, dat voelt voor hen ook vertrouwd.’
Nienke vult aan: ‘Ze moeten natuurlijk niet te vaak en te lang bellen, maar zo houden we op een laagdrempelige en eenvoudige manier aardig wat mensen op de rit. Mensen die anders misschien wel afglijden en moeten worden opgenomen. Cliënten weten dat we er zijn en dat we langs kunnen komen als dat echt nodig is. Voor veel van hen is dat een geruststelling. Als ze een paniekaanval hebben, dat komt nogal eens voor, dan kunnen ze contact opnemen. Meestal kun je mensen dan over de telefoon wel weer tot rust krijgen. Even praten is vaak voldoende.’
Waar is de nachtdienst voor bedoeld?
Wel: telefonische geruststelling, vooraanmeldingen en crisissituaties.
Niet: de nachtdienst is geen noodlijn. Het Nachtteam bestaat uit persoonlijke begeleiders die hun werk ’s nachts doen. Ze behandelen geen zaken die kunnen wachten tot de volgende dag.
Collega Renée legt uit:
- We zijn geen politie, maar we komen wel in actie bij overlast, dreiging en agressie.
- We zijn geen artsen, maar bewoners kunnen wel bellen met medische klachten.
- We zijn geen crisisdienst, maar we bieden wel psychische ondersteuning.
- We doen niks met geld, we komen geen sleutels brengen en we zijn geen taxi.
‘Als het op een van deze gebieden escaleert schakelen we specialisten in,’ benoemt Renée. ‘Als een bewoner bij een crisis of een incident ’s nachts al stoom heeft afgeblazen, scheelt dat de collega’s overdag veel werk.’
Gehoord worden
‘Niet alleen bewoners vinden het fijn om direct iemand aan de lijn te krijgen,’ stelt Nienke. ‘Dat geldt ook voor buren die overlast ervaren. Die willen niet altijd meteen de politie bellen. Mensen willen ook vaak gewoon even hun verhaal kwijt, even spuien. Wij bieden ’s nachts dat luisterende oor.’
Nienke gaat verder: ‘Als je belt, krijg je echte mensen aan de lijn die weten waar het over gaat. Dat geeft houvast. En als de muziek dan bijvoorbeeld ergens te hard staat en voor overlast zorgt, dan bellen we eerst die bewoner op. Pas als we dan geen gehoor krijgen of geen resultaat, dan gaan we eropaf. Buren vinden het prettig om te merken dat er echt iets met hun melding gebeurt.’
Zelf kiezen wanneer je uitrukt
‘Wij schatten per situatie in of we er naar toe gaan of niet,’ vult Renée aan. ‘Soms heb je twee meldingen tegelijk en dan moet je kiezen. Gemiddeld rukken we zo’n drie keer per nacht uit, vooraanmeldingen inbegrepen. Het moet wel een functie hebben, we rijden niet als een verzetje. We blijven kijken naar wat de bewoner nog zelf kan doen, zo nodig met ondersteuning van ons. We zijn wel praktisch en dienstbaar, maar we zijn er niet op uit om mensen afhankelijk te maken.’
Renée: ‘De vooraanmeldingen volgen we zo willekeurig mogelijk op, onaangekondigd en onverwacht. We moeten niet hebben dat klanten bij wijze van spreken weten dat we elke dinsdag om kwart over twee even komen kijken.’
Wat maakt werken in het Nachtteam leuk?
‘We zijn de cowboys van de nacht,’ benoemt Nienke. ‘Wij zijn een klein maar hecht team. Het voelt als familie.’
Nienke vult aan: ‘Zelf werk ik inmiddels liever ’s nachts dan overdag. Als ik naar huis rijd, staat de file altijd de andere kant op. Wat ik ook fijn vind: als de dienst erop zit is het werk klaar. Dat is een groot verschil met het dagelijkse werk als persoonlijk begeleider. In de nacht heb je te maken met acute situaties die je ook meteen weer afsluit. Wij helpen mensen de nacht door.’
‘De afwisseling maakt werken bij het Nachtteam leuk,’ zegt Renée. ‘Je hebt elke nacht een aantal totaal verschillende casussen. Zoveel typen bewoners als HVO-Querido heeft, wij zien ze allemaal. Het is ook best wel intiem ’s nachts, met zijn tweeën. Je moet op elkaar kunnen bouwen en rekenen. We zijn zes verschillende mensen, maar er is wel een klik, we zitten op één lijn.’
Meer buiten op pad gaan met collega’s
Meer over het Nachtteam lees je in dit interview met Nienke uit 2022.
Lees ook verder in deze artikelen over het Mobiel Team, die er overdag op uit trekken.
- In 2003 gaan we voor het eerst op stap met het Mobiel Team
- In 2012 werken Glen, Saskia en Mike nog steeds bij HVO-Querido. In dit interview blikken Glen en Saskia terug op 10 jaar werken in het Mobiel team. Wat is er in al die tijd veranderd en wat is hetzelfde gebleven?
- In 2013 gaan we met het Mobiel Team op stap wanneer het sneeuwt. Hoe anders is het werk in de wintertijd?
- In 2019 kijkt collega Glen terug op 23 jaar Mobiel Team voordat hij van zijn welverdiende pensioen gaat genieten



