Verhalen

  1. HVO-Querido
  2. >
  3. Verhalen
  4. >
  5. Bewoner meneer Perk spreekt ‘recht...

Bewoner meneer Perk spreekt ‘recht vanuit de rikketik’

21 april, 2020

De heer Perk verblijft momenteel in de opvang van HVO-Querido aan de Transformatorweg. Hij is inmiddels een oude rot in de Amsterdamse dak- en thuislozenscene en een survivor, naar eigen zeggen. Hij blijft optimistisch en strooit ruimhartig met goede raad en bon mots.

Guno Leo Perk (1949) wordt geboren in het Surinaamse district Nickerie. ‘Ik ben eigenlijk een boer,’ vertelt meneer Perk lachend, ‘maar in Suriname had ik een loodgietersbedrijfje met sanitair en zo. In het binnenland, want daar had je geen vergunningen nodig. Vroeger zat ik op de LTS, maar ik heb het niet afgemaakt. Ik was een belhamel. Als ik strafwerk kreeg, zei ik: ik ben niet op school om strafwerk te maken, ik kom hier om te leren.’

‘Ik kom hier om te werken’

Op zijn 21ste verhuist hij naar Nederland, naar het ‘moederland,’ zoals hij zelf zegt. De reis gaat per schip. ‘Ik was ruim drie weken op zee, met de Oranje Nassau,’ aldus meneer Perk. Hij gaat aan het werk in Rotterdam bij de schokdemperfabriek van Koni.

‘Ik kwam hier niet om te studeren of te lanterfanten, maar om te werken,’ vertelt meneer Perk. ‘Ik ben een bedrijvige jongen. Ik ben van alle markten thuis, als ik maar iets kan verdienen. Mijn tweede werkgever was in Amsterdam en daarna kwam ik bij het hoofdkantoor van de KLM als verzorger van de koffieautomaten. Dat was het gebouw in Amstelveen, met die vleugels, net als een vliegtuig. Weer later ben ik bij Sloterdijk gaan werken, lassen en constructiewerk.’

Een heftige tijd overleefd

Meneer Perk: ‘Ik woonde toen al in Amsterdam en het was een heftige tijd. Het was gettotijd. Veel dope. Ik heb veel ellende meegemaakt, maar ik heb het allemaal doorstaan. Het was overleven. En ik ben een survivor. Toch houd ik van Amsterdam, welgelegen aan het IJ. Ik houd van tegenwind, want ik ben een tropische storm.’

Daarnaast noemt meneer Perk zichzelf een family man. ‘Ik heb een vrouw en twee dochters. Met mijn kinderen heb ik goed contact. Niet veel of vaak, maar goed. Ze hebben mij nu niet meer nodig. Mijn oudste dochter beheert mijn papieren en mijn doodfonds, hoe noem je dat, mijn uitvaartverzekering. Ze zegt dat ik me daar niet druk om hoef te maken en dat is fijn. Mijn dochters waren laatst ook op mijn zeventigste verjaardag.’

Een betere wereld maken

‘Het leven gaat niet vanzelf over rozen,’ benoemt meneer Perk, ‘maar je kan er wel wat van maken, als je een beetje je best doet. Een betere wereld begint bij jezelf, zolang je leeft voor je familie in plaats van voor jezelf en om te hebben. Hier in het moederland mag je je uiten en heb je rechten. Dat beseffen veel mensen zich niet. We hebben het hier goed. We moeten gewoon wat meer liefde verspreiden en dat op nummer 1 zetten. Ik volg het nieuws en blijf op de hoogte van wat er gebeurt in de wereld. En als ik onraad zie, dan stap ik erop af. Soms is het leven een slangenkuil en moet je van je afbijten.’

Verschillen in harmonie

Meneer Perk: ‘Ik ken zoveel mensen in deze opvang, my goodness. Het mooie is dat we met verschillende mensen in harmonie onder één dak zijn. En het eten is echt prima, anders zou ik niet kunnen wennen aan verblijven in de Transformatorweg. Ik neem geen blad voor mijn mond, ik zeg wat op mijn lippen komt, recht vanuit de rikketik. Dat is mijn recht spraak.’

Deel dit verhaal:

Guno Perk

Meer lezen?

Bekijk dan al onze verhalen.