Mevrouw Carmen Vanenburg (Paramaribo, 1946) wilde als kind graag lasser worden, maar dat is er nooit van gekomen. Zij heeft drie kinderen, tien kleinkinderen en drie achterkleinkinderen. Mevrouw Vanenburg verblijft nu alweer twee jaar in de 24-uursopvang van HVO-Querido in Amsterdam Zuidoost. Hoe bevalt het daar?‘Ik heb overal gewoond,’ vertelt mevrouw Vanenburg. ‘In 1972 ben ik naar Nederland gekomen en woonde ik bij mijn zus. Eigenlijk heb ik al jaren spijt dat ik niet in Suriname ben gebleven. Daarna woonde ik op mezelf in Amsterdam, in Oost, in West, in de Bijlmer. Toen lukte het nier meer om een huis van de grond te krijgen. Voor HVO-Querido verbleef ik daarom in Domus van het Leger des Heils.’
Hoe vult mevrouw Vanenburg haar dagen?
‘Het is fijn dat mijn kinderen dichtbij wonen. Ik zie ze bijna elke dag,’ vertelt mevrouw Vanenburg. ‘Mijn kinderen zijn allemaal goed terecht gekomen. Ze roken niet, ze drinken niet, ze doen niks slechts. Ze houden er gewoon niet van. Zelf gebruik ik een beetje cocaïne, niet zoveel. En ik ben met heroïne begonnen te experimenteren, uit nieuwsgierigheid. Overdag bedel ik op straat, of ik maak garages schoon en krijg van mensen wel eens wat toegestopt. Verder zit ik veel binnen, maar niet meer in de bajes. De laatste keer dat ik vastzat, was in 2003. Dat doe ik niet meer.’
Wat vindt mevrouw Vanenburg van de 24-uursopvang van HVO-Querido?
Mevrouw Vanenburg vertelt: ‘Het is hier veel te vies en ik deel mijn kamer met drie anderen. Ik betaal €150 per maand en heb weinig privacy. Dat is vervelend. De meeste bewoners zijn mannen, maar er zijn ook een paar vrouwen. Veel mensen lopen hier als een zombie rond. Hier kunnen mijn kleinkinderen toch niet op bezoek komen? De rest van mijn centen gaat naar schulden, behalve mijn €80 zakgeld per week.’
Ze vertelt verder: ‘Het liefst zou ik in Amsterdam Noord op mezelf wonen. Daar is geen dope en het is lekker rustig. Ik zou een een beetje tv kijken of puzzelen in mijn eigen huisje daar. En kokkerellen, daar hou ik van. Ik eet alles wat er op de markt valt te krijgen, als het maar met rijst is en pittig.’
Aardige mensen, maar overal zelf achteraan moeten gaan
‘Ze zeggen dat ik niet zelfstandig genoeg ben, terwijl ik de enige ben hier in huis die wel eens iets schoonmaakt,’ benoemt mevrouw Vanenburg. ‘Ik wil niet worden geprogrammeerd. Ze zeggen: je bent niet verplicht om voor je kleinkinderen te zorgen, maar dan zeg ik: wie zijn jullie om dat te zeggen? Dat bepaal ik zelf wel.’
‘Begrijp me niet verkeerd hoor, ik ben blij dat ik hier slaap,’ voegt mevrouw Vanenburg toe. ‘Streng is niet slecht. Er moeten regels zijn in huis. De medewerkers hier zijn aardig, daar ga ik niet over liegen. De bewakers en de begeleiding luisteren naar me als ik een probleem heb, maar ik moet uiteindelijk zelf overal achteraan gaan.’
Wil jij mensen zoals mevrouw Vanenburg ondersteunen?
Bekijk dan onze vacatures.

