Begeleider Torre was in eerste instantie wat sceptisch over netwerkondersteunend werken, maar heeft zich intussen ontpopt als een ware ambassadeur. Hij werkt namelijk al bijna 5 jaar als ondersteunend begeleider bij het Martien Schaaperhuis en ziet waar het aan ontbreekt wanneer bewoners uitstromen.
‘Toen ik voor het eerst van de training netwerkondersteunend werken hoorde, vroeg ik me af wat nóg een training en nóg een aandachtsgebied ging toevoegen,’ vertelt Torre. ‘Dagbesteding, financiën, middelengebruik, en dan ook nog het netwerk. Inmiddels ben ik behoorlijk om.’
Hoe komt dat? ‘Ik zie waar het ontbreken aan aandacht bij uitstromende cliënten toe kan leiden,’ legt Torre uit. ‘Als een bewoner naar een eigen woning gaat, komt er nog een jaar lang eens per week een begeleider langs en dat is het. Het netwerk van de woonlocatie is weggevallen en dan ligt eenzaamheid al snel op de loer. Dan kun je bewoners wel wijzen op zoiets als de Buurtcirkel, maar als je net ergens nieuw woont is de drempel daarvoor vaak te hoog. Om terugval te voorkomen moet je daarom als begeleider al veel en veel eerder beginnen met aandacht voor het opbouwen van het netwerk van de cliënt. Dat is echt essentieel.’
Torre spreekt vanuit ervaringskennis
In zijn jeugd in de Amsterdamse Plantagebuurt raakt Torre door zijn thuissituatie in de verdrukking. Hij komt met justitie in aanraking en belandt via de jeugdreclassering op de koksopleiding van het ROC. Na een periode bij Jamie Oliver’s restaurant Fifteen komt hij als zorgenkind onder de hoede van een oude, klassieke Franse kok die hem de fijne kneepjes van het vak bijbrengt. Vervolgens werkt hij zelf 20 jaar als kok. Tot zijn 30e levensjaar komt hij nog een paar keer met justitie in aanraking.
‘Toen kwam alles op een lager pitje en ging ik echt aan mijzelf werken,’ aldus Torre. ‘Door mijn eigen ervaring snap ik de andere kant van de tafel. Ik ken het gevoel. Ik weet bijvoorbeeld hoe eenzaam iemand zich kan voelen, zelfs midden in een groep. Fijn dus dat ik meteen als zij-instromer gelijk op de groep aan de slag kon. Lekker mijn nieuwe carrière vanuit de praktijk opbouwen.’
Torre: ‘Het Martien Schaaperhuis voelt van het begin af aan als een warm bad, als een tweede thuis. Dat komt door de bewoners, de omgeving, de zelfstandigheid die je hier hebt en door mijn collega’s. Het is een heel professioneel en lerend team. Medewerkers zijn geen losse eilandjes, we willen allemaal ongeveer dezelfde kant op. Daarbij is er veel ruimte voor discussie en respect voor ieders mening. Iedereen kan hier gewoon zichzelf zijn.’
De meerwaarde van het netwerk
Torre: ‘Familieleden kennen de bewoner veel beter dan jij als hulpverlener. Het netwerk neemt jou werk uit handen en dat draagt bij aan het versterken van de eigen regie van de klant. Zo kun je als professional meer vanuit de achtergrond werken. Als begeleider maak je namelijk snel de keuze om dingen over te nemen van de bewoner. Vanuit een goed hart natuurlijk en omdat het vaak sneller gaat. Daarmee help je de bewoner op dat moment, maar niet op de lange termijn.’
Torre vult aan: ‘Je moet netwerk niet per se zien als een compleet steunsysteem. Er zijn voor iemand kan ook steun geven. Die ene buur die af en toe een praatje met je maakt is een onderdeel van jouw netwerk, hoe klein dan ook. Een netwerk kan minimaal zijn en toch helpen. Denk aan iemand alleen aan de bar in een café.’
Netwerk in kaart brengen
‘Tijdens de training netwerkondersteunend werken leer je bijvoorbeeld hoe je een ecogram en een levenslijn kunt maken,’ vertelt Torre. ‘Dat zijn hulpmiddelen om iemands netwerk in kaart te brengen. Aan wie heb je wat gehad? Wat zijn belangrijke gebeurtenissen geweest? Vaak zeggen cliënten in eerste instantie dat ze helemaal niemand hebben. Als je daar rustig de tijd voor neemt en goed luistert valt dat meestal reuze mee. Iedereen heeft een netwerk. Soms staat het door bepaalde situaties op een laag pitje.’
Je netwerk is je fundament
‘Zonder netwerk lukt het niet,’ stelt Torre. ‘Een succesvol begeleidingstraject staat of valt met het hebben van een netwerk. Dat moet je opbouwen, bijhouden en onderhouden. Het traject van de bewoner is als een huis: zonder stevig fundament stort het in elkaar. Voor mij is het netwerk de basis. Als dat ontbreekt, dan is de begeleiding zoiets als water naar de zee dragen. Een netwerk is als kleding, zonder voel je je naakt.’
Verrijking van het leven
Torre: ‘Als begeleider maakt het contact met het formele en informele netwerk van jouw cliënten je werk interessanter. Of het nou ouders, vrienden, buren, medebewoners of andere zorgverleners zijn. Jouw cliënten worden vanuit meerdere hoeken belicht. Je krijgt daardoor een bredere kijk op mensen, een genuanceerder en rijker verhaal.’
‘Binnenkort ga ik ook een training transculturele psychiatrie doen om een betere ingang te vinden bij het netwerk van onze bewoners,’ vertelt Torre. ‘Hoe meer je weet van normen, waarden en gebruiken van verschillende culturen hoe beter je kunt inspelen op vragen van bewoners en hun familie. Zo blijf ik me ontwikkelen.’
Meer weten over netwerkondersteuning
Met netwerkondersteuning zorgen we dat bewoners meer mensen hebben om op terug te vallen dan alleen een begeleider. De ondersteuning helpt iemand landen in de wijk en helpt met het terugpakken van eigen regie op het leven. De begeleider wordt dan meer een vangnet die naast de bewoner staat. Lees verder op onze pagina over netwerkondersteuning.

