Meneer Hille is met zijn 82 jaar de oudste bewoner van De Vaart. Hier wonen Amsterdammers die een beschermde woonvorm en begeleiding nodig hebben. Meneer Hille woont er sinds de opening in 1984, in dezelfde kamer op de bovenste verdieping.
‘Ik weet nog dat ik hier kwam,’ vertelt meneer Hille. ‘De royale kamer, de opening met burgemeester Van Thijn. Ik kwam uit Walenburg aan de Montelbaanstraat, hier heb je meer dan twee keer zoveel ruimte. Je hebt bovendien je vrijheid, wat ik nogal belangrijk vind.’
Hoe vult bewoner meneer Hille zijn dagen in De Vaart?
‘Ik ontbijt met een broodje en maak gebruik van de gezamenlijke middagmaaltijd. Overdag doe ik een boodschapje en laat ik de was doen. Om de vrijdag komt er iemand helpen met het huishouden,’ vertelt meneer Hille. ‘Verder luister ik naar de nieuwsberichten op de radio en lees ik graag. Het Parool en de Volkskrant bijvoorbeeld, omdat ik graag op de hoogte ben. ’s Avonds eet ik beneden in het restaurant, behalve op zondag. Dan kook ik zelf. Beneden doe ik wel eens een spelletje. Jammer genoeg raakt dammen er een beetje uit hier.’
Hoe is het om in De Vaart te wonen?
‘De begeleiding laat je met rust, dat vind ik prettig,’ gaat meneer Hille verder. ‘Er wonen en werken hier best aardige mensen. Er zit hier van alles wat, kan je wel zeggen. Ik kan met iedereen wel aardig opschieten. De een is natuurlijk vriendelijker dan de ander, maar ik heb geen last van ze.’
Wat vindt Meneer Hille belangrijk?
Hij zegt: ‘Ondanks dat ik graag op de hoogte ben, heb ik me nog nooit aan een politieke partij verbonden. Aan elke partij mankeert namelijk wel wat. Maar ik ga natuurlijk wel altijd stemmen, dat is een recht.’
Amsterdammer uit Hoorn
‘Hoewel ik in Hoorn ben geboren, heb ik me altijd Amsterdammer gevoeld,’ benoemt meneer Hille. ‘Ik ging ook altijd graag naar Ajax. Ik heb veel mooie wedstrijden gezien. In de Arena nog heel even, maar de laatste tijd niet meer. De successen onder Van Gaal vond ik leuk. Dat was een strenge man hoor, helemaal geen makkelijke man. En toen we de Europacup wonnen, dat was grote vreugde.’
Meneer Hille vertelt verder: ‘Mijn favoriete speler is van veel langer geleden, uit de jaren dertig. Dat is Piet van Reenen, een midvoor. Die scoorde altijd, ‘Goaltjes Piet’ noemden ze hem. En je had toen Diepenbeek, Van Kol, Blomvliet en Mulders.’
Meneer Hille heeft veel van de wereld gezien
‘Ik wilde als kleine jongen wel treinmachinist worden,’ vertelt hij. ‘Mijn ouders scheidden toen ik 3 of 4 was. Mijn vader had een textielhandel in IJmuiden, mijn moeder verhuurde kamers in Amsterdam. Ik was bij mijn moeder. We verhuisden veel, altijd grote huizen, Bilderdijkstraat, Huidenstraat, Helmersstraat, Keizersgracht. Uiteindelijk zijn mijn beide ouders in de oorlog gestorven.’
Meneer Hille gaat verder: ‘De oorlog, dat was een kwaaie tijd. Overal dode paarden op straat en die werden nog opgegeten ook. In 1943 moest ik naar Duitsland om te werken vanwege de Arbeitseinsatz. Ik was twintig. Veel bombardementen toentertijd. In ’45 werden we bevrijd in Berlijn door de Russen. Ik zat in een kelder met nog wat gewone mensen, burgers; komt er zo’n jonge Russische soldaat binnen met een machinepistool en die schreeuwt ‘pasport’. Hij begreep er niks van, maar ging gelukkig weer weg. Een paar dagen later zijn we gevlucht richting het westen. Samen met een groepje Belgen maakten we dat we wegkwamen, er was niks meer te beleven voor ons daar. Dat werd een hele tocht. Bij Tangermünde was een grote brug over de Elbe en daar lagen de Amerikanen. Later heb ik met de bus heel Europa doorgereisd. Overal heb ik ansichtkaarten van. Daar kijk ik nog wel eens naar.’
Wil jij mensen zoals Meneer Hille ondersteunen?
Op De Vaart wonen Amsterdammers die een beschermde woonvorm en begeleiding nodig hebben. Het zijn vaak mensen met een combinatie van psychische en verslavingsproblematiek, soms met een achtergrond van dakloosheid of een forensische maatregel. Dat betekent dat de bewoners bijvoorbeeld persoonlijke begeleiders nodig hebben die ze helpen met het huishouden, persoonlijke verzorging, financiën, dagbesteding en sociaal netwerk. Je bouwt een relatie op met de bewoner en stelt samen een begeleidingsplan op. Hoe kun jij een bewoner misschien laten doorstromen naar zelfstandig wonen met ambulante zorg? Hoe zorg je dat iemand niet achteruitgaat en stabiliseert? Als dit klinkt als een mooie uitdaging, nodigen we je vooral uit om een blik te werpen tussen de vacatures.

