Charlotte Balk (48) woont in Straetenburgh (nu Robert Koch Wonen) in de Rivierenbuurt. Ze werd geboren in het Duitse Darmstadt en volgde daar een opleiding aan een hogere economische school. Toen de sfeer in ons land haar tijdens een vakantie goed beviel, besloot ze te blijven.
Nederland was een verademing
‘Wat heb jij gedaan in de oorlog? was in mijn jeugd nog steeds een heel beladen vraag in Duitsland,’ vertelt Charlotte Balk. ‘En misschien nog steeds wel. De lucht stond stijf van alles wat er werd verzwegen. Jongeren voelden zich verantwoordelijk voor de kampen van hun ouders en grootouders en waren daar tegelijkertijd ook woedend over. Er heerste een harde, radicale en paranoïde sfeer. Je had de RAF, Berufsverbote en een staat die meende zich veel geweld te kunnen permitteren. Gek werd ik er van.’
‘Nederland was een verademing,’ gaat Charlotte verder. ‘Ik ben in Amsterdam begonnen als kamermeisje bij het Pullitzerhotel. Later werkte ik bij reclamebureau O&M en bij Sun Microsystems in Amersfoort. Dat is de grote concurrent van Microsoft. Toen kreeg ik ernstige relatieproblemen, klapte in elkaar en raakte onder meer mijn huis kwijt.’
‘Ik woon nu twee jaar in Straetenburgh,’ zegt Charlotte. ‘Ik heb wel een paar goeie vrienden hier, maar ik zou toch liever op mezelf wonen. Hiervoor woonde ik beschermd in de Ruysstraat.’
Charlotte zit niet stil
Ze vertelt: ‘Ik ben voorzitter van de cliëntencommissie van Straetenburgh en zit ook in de regioraad. Als klein kind werd ik al drammerig bij onrechtvaardigheid en dat is min of meer gebleven. Er zijn hier genoeg mensen die niet goed voor zichzelf opkomen. Daarom doe ik het. De bedoeling van medezeggenschap is samen proberen om zoveel mogelijk mensen weer omhoog te krijgen, de goede kant op.’
‘Iets ten goede veranderen gaat langzaam, soms tergend langzaam. Maar niks doen is nog veel erger,’ legt Charlotte uit. ‘Als commissie zeggen we er bijvoorbeeld wat van als er te weinig wederzijds respect is tussen bewoners en medewerkers, en bewoners onderling. Dat, terwijl iedereen weet dat agressie altijd terugkaatst.’
Privé-schilderlessen, galeries en festivals
Charlotte: ‘Vanaf mijn vijfde jaar schilder ik. Als puber wilde ik dan ook naar de Kunstacademie. Maar dat vonden mijn ouders geen beroep. Ze vonden dat kunst iets was voor je vrije tijd, dat deed je er maar bij.
Maar ik volgde wel privélessen bij een surrealistische Joegoslaaf. Het is een vak, dus je moet technieken leren als schaduw, dimensies en proporties. Ik ga vaak naar galeries en festivals in de stad. Er gebeuren altijd interessante dingen qua vorm en kleur. Mythologieën en alchemie zijn ook heel inspirerend voor mij.’
‘Naast gewone schilderijen en tekeningen maak ik ook symbolen en vignetten,’ vertelt Charlotte. ‘Dat is niet zozeer oorspronkelijk scheppend werk. Die symbolen zijn er al, hangen in de lucht. Ze hebben alleen mij nodig om op papier te komen. Naast het tekenen en schilderen schrijf ik ook nog wel eens een gedicht of een verhaal. Als het niet zo’n cliché was zou ik zeggen, het is mijn romantische Duitse ziel. Maar dat is onzin. Als het maar uit het hart komt.’
‘Mijn favoriete schilders zijn Margritte, Picasso en de fantastische Hieronymus Bosch,’ benoemt Charlotte. ‘Bosch schildert veel realistischer dan de mensen denken met al zijn duivels en demonen. En natuurlijk Van Gogh, al is het alleen maar om zijn contact met de zon. Dat is zo intens.’
Iets kraken voor een atelier
‘Momenteel werk ik op mijn kamer en dat is eigenlijk veel te klein. Ik zoek een grotere ruimte als atelier. Misschien moet ik iets kraken,’ bedenkt Charlotte.
Ze vertelt: ‘Als je het handig combineert, gaan kunst en commercie goed samen. Kijk maar om je heen. Mensen zijn heel gevoelig voor kleuren. Ik ben ervan overtuigd dat mensen zich beter voelen met de juiste kleuren om zich heen. Het kan toch niet goed zijn om de hele dag tegen grijze kantoormachines en crème systeemwandjes aan te kijken?’
Oprechte interesse en iemand geluk gunnen
Waar werkt Charlotte nu aan? ‘Ik ben nu al lang bezig aan een groot kunstwerk onder de titel ‘De stoel van God’. Een neutrale god, geen christelijke of islamitische of wat dan ook. God weet weinig van ons gedrag. Hij is wel oprecht geïnteresseerd en wil dat wij echt en gelukkig zijn. God is omgeven door ongrijpbare krachten en veel indigo blauw. En natuurlijk is er een tegenstander: Lucifer. Want goed en slecht hebben elkaar nodig. Ze geven elkaar reliëf, net als alle tegenpolen.’
De ‘Stoel van God’ moet zo’n 3 x 3 meter worden, een afspiegeling van het hele leven met al zijn goede en kwade energie. Een soort carrousel waarbij dingen niet altijd zijn wat ze schijnen en andere dingen weer twee kanten van dezelfde medaille blijken te zijn. ‘Een ziel-schilderij,’ zegt Charlotte.
Benieuwd wat voor kunstzinnige HVO-Querido cliënten er nog meer zijn?
Lees meer in andere cliëntverhalen. Tussen onze bewoners zitten namelijk veel meer kunstzinnige types. Schilders, dichters, noem het maar op. Kevin heeft een passie voor ICT en is vrijwilliger bij het HVO-Querido Digicafé. Sini’s hobby is koken. Daniël sport graag, wielrennen bijvoorbeeld, en Ruud schrijft graag: proza, soms poëzie en soms een lied.




