Jarenlang woonde ze heel tevreden in De Wuif, de doorstroomwoningen van De Veste waarin bewoners zo zelfstandig mogelijk functioneren. Maar, sinds ruim een jaar woont Iris nog tevredener met begeleiding op zichzelf.
Iris werd geboren in de Jordaan en heeft haar hele leven in Amsterdam gewoond. Ze deed een creatieve opleiding in mode en textiel. Voor haar werk tekende ze patronen en maakte dameskleding. ‘Daar ging echt heel veel tijd in zitten, maar ik deed het werk met veel plezier,’ vertelt Iris. ‘Daarnaast deed ik een avondopleiding handvaardigheid, daar zit veel in. Ik ben wel dyslectisch, maar daar kan ik redelijk mee omgaan. Dingen maken en knutselen, daar houd ik echt van, maar het is heel moeilijk om van te leven.’
70 uur per week werken, maar niet rond kunnen komen
Na de dameskleding stortte Iris zich op het maken van teddyberen. ‘Echt handwerk, dat kost heel veel tijd. Iedereen vond het prachtig, maar niemand wilde ze kopen. Daarna ben ik sierpoppen gaan maken, maar dat werd ook niet begrepen. Minstens tien jaar lang werkte ik zeventig uur per week. Gek werd ik ervan. Op een gegeven moment moest ik mijn huis uit in de Rivierenbuurt en toen kwam ik in de Walborg terecht. In 2007 kwam ik in De Wuif te wonen.’
Zorg afstemmen op persoonlijke behoeften
Charles was enkele jaren persoonlijk begeleider van Iris bij De Wuif. ‘Iris kwam na een tijdje in aanmerking voor uitstroom, maar dat was heel onpersoonlijk. Ik was bang dat ze dat niet zou reden en dat het haar alleen maar zou schaden in plaats van vooruit helpen,’ aldus Charles. ‘Toen heb ik haar uit dat proces teruggetrokken. Dat vond iedereen heel raar. We zijn toen voor de optie met Discus gegaan (inmiddels ambulante zorg van Team Zuid).’
‘Ambulante zorg is meer afgestemd op de persoonlijke behoeften van kwetsbare mensen. Het paste beter bij Iris. Dan weet je waar je samen naartoe werkt,’ legt Charles uit. ‘Ik ben allang haar begeleider niet meer, maar ik kom heel af en toe nog even langs voor een praatje en om te kijken hoe het gaat.’
Doorstromen naar zelfstandig wonen met begeleiding
‘Charles is een schat en gelukkig is mijn nieuwe begeleider ook heel aardig. De overgang voelde als een warm bad,’ vertelt Iris in haar gezellig drukke benedenwoning. Het huis ademt helemaal haar eigen stijl en sfeer met planten, knuffels, kunst en boeken, heel veel boeken.
‘Mijn woning bij De Wuif was perfect met een goeie keuken en goeie begeleiding,’ gaat Iris verder. ‘Ik had ook een heel mooi uitzicht. Ik had soms wel een beetje problemen met al die mensen om me heen in zo’n groot gebouw. Ik wist niet altijd goed hoe ik daarop moest reageren.’
‘Daar heb ik geleerd om te koken en schoon te maken, maar ik heb eigenlijk vooral zelfstandig leren leven. De post openmaken, rekening doornemen, de boel goed bij elkaar houden,’ legt Iris uit. ‘Met Charles deed ik dat elke week. Vroeger werd ik al panisch bij de gedachte aan al die post, maar als je heb samen doet, valt het best mee.’
‘De verhuizing is heel goed gegaan,’ benoemt Iris. ‘Mijn broer heeft geholpen met inpakken, heel netjes, dat zit in de familie. En hij heeft de boekenkasten gemaakt, heel goed gedaan. De buurt is heel rustig, een beetje saai zelfs, maar dat vind ik helemaal niet erg. Ik zeg gedag tegen de buren en zij tegen mij en er lopen allerlei poezen door mijn tuintje. Dat is voor mij genoeg contact. Ik ben toch vaak op pad.’
Hoe vult Iris haar dagen dan?
Iris: ‘Ik kom graag in het Rijksmuseum of de Hermitage. Ik ga ook vaak met de Magical Mystery Tourbus mee. Laatst zijn we naar de pindakaasvloer van Wim T. Schippers geweest, in Schiedam. Dat heeft ‘ie niet zelf gemaakt hoor, maar wel bedacht!’
‘Verder ben ik ook best druk. Ik heb goed contact met mijn broer, maar we moeten elkaar niet te vaak zien. En ik doe veel leuke dingen,’ gaat Iris verder. ‘Ik zwem een dag per week. Op donderdag maak ik schoon want hygiëne is belangrijk en een schone omgeving geeft rust in je hoofd. Op vrijdag heb ik altijd de hele dag kookgroep in De Pijp, daar kook ik in een buurthuis. Ik houd ervan om mensen te helpen.’
Daarnaast leest Iris natuurlijk veel
‘Mijn kasten staan vol met non-fictie en naslagwerken om dingen op te zoeken,’ benoemt Iris. ‘Mijn liefste kinderboeken heb ik natuurlijk ook nog steeds. Dat is je eigen geschiedenis. Die doe je niet weg.’



