Bewoner Abdurahman doet begin juli samen met zijn begeleider Bram (Team West) mee aan de marš mira. Dat is een driedaagse mars voor de vrede in Bosnië en Herzegovina om de slachtoffers van de genocide in Srebrenica in 1995 te herdenken.
De marš mira bestaat sinds 2005. Het is een jaarlijks terugkerende voettocht van ruim honderd kilometer van Tuzla naar Srebrenica. Dat is niet toevallig de omgekeerde richting van de tocht die veel slachtoffers van de massamoord in 1995 maakten toen ze de enclave Srebrenica probeerden te ontvluchten. De mars is op 8, 9 en 10 juli, de officiële herdenking is op 11 juli.
Oorlog verandert je leven
Abdurahman Burekovic (1965) groeit op in een dorpje bij de stad Tuzla. Hij heeft er verschillende banen en werkt vooral als timmerman. ‘Als ik 26 jaar oud ben, in 1991, verandert mijn leven voorgoed,’ vertelt Abdurahman. ‘Dan is het oorlog in mijn land. Ik weet wat oorlog is. Gewone mensen zijn nooit het probleem. Zij willen vredig leven. Politici zijn het probleem, zij verspreiden gif. Ik kijk nooit naar religie, je hebt overal goede en slechte mensen.
‘Nederland en Bosnië in mijn hart’
Door de oorlog moest ik mijn land ontvluchten. Eerst naar Duitsland en toen naar Nederland. Amsterdam is een mooie, bekende stad. Ik heb er geen klachten over. Als ik het slecht zou vinden, dan ga ik niet klagen, dan vertrek ik. Mensen die klagen moeten eerst naar zichzelf kijken.
Ik houd van Nederland. Het is mijn tweede land. Hier mis ik Bosnië, daar mis ik Nederland. Het zijn twee liefdes in mijn hart. Je moet nooit vergeten waar je vandaan komt.
Ik ben hier nu ruim 26 jaar. Nederland heeft mij geholpen en papieren gegeven, daarom kan ik niet kwaad spreken over Nederland.’
16 jaar lang dakloos
Abdurahmans leven in Nederland is niet altijd over rozen gegaan. Hij heeft sinds twee jaar een woning en daarmee weer wat stabiliteit. De zestien jaar daarvoor leidde hij een zwervend bestaan. ‘Het is geen verleden waar ik trots op ben,’ vertelt Abdurahman. ‘Nu gaat het beter. Ik ben niet normaal blij met deze woning. Mensen zoeken altijd naar iets beters, maar ik heb geleerd om blij te zijn met wat ik nu heb.’
Nooit vergeten
‘Elke Bosniër moet tenminste eenmaal in hun leven deze mars voor de vrede lopen. Het is een vorm van erkenning voor de slachtoffers. Als je het land voelt in je hart, in je bloed, dan moet je dat doen, welk geloof je ook hebt,’ vindt Abdurahman. ‘Wij hebben het idee gekregen om de tocht samen te lopen. Dat is voor mij heel belangrijk. Dat iemand anders belangstelling heeft voor onze geschiedenis, voor mijn geschiedenis, voor mijn land. Dat doet me wat, dat vind ik mooi. We lopen de mars omdat nooit vergeten mag worden wat daar is gebeurd.
Bram gaat in Bosnië ook mijn familie ontmoeten. Ik heb nog twee broers en twee zusjes.’
Trotse gids
‘Voor mij voelt het alsof ik nu ook een ander belangrijk deel van zijn leven ga leren kennen,’ aldus Bram. ‘Door dit avontuur zullen we elkaar beter gaan begrijpen, vermoed ik. Het is niet zo dat elke begeleider met hun cliënt naar diens land van herkomst moet reizen. Het moet natuurlijk bij jou en bij de bewoner passen. Een beetje buiten de lijntjes kleuren, brengt ons dichter bij elkaar. Deze mars geeft Abdurahman een gevoel van trots. Hij is daar de gids, hij spreekt de taal, hij kent de weg.’
Lopen voor een goed doel
‘Met onze deelname aan deze mars zamelen we geld in voor de stichting Vlinder,’ legt Bram uit. ‘Dat is een onafhankelijke organisatie die zich sinds 2022 inzet voor kinderen uit Bosnië met een ontwikkelingsstoornis. De stichting is opgezet door een broer van Abdurahman. Hij kwam erachter dat er in Bosnië helemaal niets is geregeld voor deze kinderen en daarom heeft hij zelf een stichting opgezet. Ze verzorgen hulp en dagbesteding voor de kinderen en proberen hun ouders te ontzorgen. Een heel goed doel.’
Burek en Bram hebben uiteindelijk 1400 euro weten op te halen!

Burek te midden van deelnemers aan de marš mira
Hoe was het lopen voor Burek?
‘De marš mira was heel mooi,’ vertelt Burek. ‘Ik kan haast niet wachten tot volgend jaar, want dan ga ik weer. Het was goed, maar ook heel emotioneel. Het is mijn eigen land, het zijn mijn eigen mensen, dan komt het heel dichtbij.’
Hoe was het lopen voor Bram?
‘Ik vond het super indrukwekkend,’ aldus Bram. ‘Het was bijzonder door de combinatie van fysieke en emotionele uitdagingen. Vooral de laatste dag, toen we bij de gedenkplaats in Potočari aankwamen, met de namen van alle slachtoffers op de stenen, liepen de emoties behoorlijk hoog op.’
Burek vult aan: ‘Mijn familie heeft Bram opgenomen als een eigen zoon.’
‘Met name de eerste twee dagen werd er veel gesproken, gezongen en gelachen. Je kreeg al snel het gevoel dat we met z’n allen één grote familie waren. Alles bij elkaar liepen er zo’n zesduizend mensen mee,’ gaat Bram verder. ‘Jong en oud, van veertien tot zeventig, mannen en vrouwen, mensen van over de hele wereld. Voornamelijk moslims, want zij waren de slachtoffers, maar ook mensen van ander geloofsovertuigingen. Mensen liepen zowel individueel als in groepsverband. Wij liepen met een groepje van ruim dertig mensen, bestaande uit veteranen van de politie uit het dorp van Burek.’
(met dank aan tolk Dajana Smiljic)

