Verhalen

  1. HVO-Querido
  2. >
  3. Verhalen
  4. >
  5. Bewoner Hans heeft een hond...

Bewoner Hans heeft een hond die hem er doorheen helpt

04 oktober, 2022

Hans Kolderman, een geboren en getogen Amsterdammer, is al zijn hele leven dol op honden. Maar pas toen hij clean was, nam hij zelf een hond. Want een huisdier moet volgens hem op nummer één staan, anders kun je er beter niet aan beginnen.

Op dierendag vertelt Hans Kolderman (1966) wat huisdieren, en in het bijzonder zijn honden, voor hem betekenen. ‘Hier woon ik nu sinds drie jaar, lekker tussen het groen,’ vertelt Hans op de bank van zijn woning in de buurt van de Sloterplas. ‘Daarvoor woonde ik zeven jaar in de Waalstraat, ook via HVO-Querido, en via woningruil kwam ik hier.’

Hoe helpt een huisdier Hans?

Een hond brengt structuur, beweging en gezelschap

‘Een hond geeft je structuur en je hebt iets om voor te zorgen,’ legt Hans uit.  ‘Dat is goed. Je moet een hond minimaal drie, vier keer per dag uitlaten, weer of geen weer. Niet tien minuten, maar per keer zeker drie kwartier of een uur. Dat is voor jezelf ook gezond, een beetje buiten wandelen.’

Naast dat een hond Hans met zijn lichamelijke gezondheid helpt, helpt een huisdier ook met contact maken. Hans gaat verder: ‘Af en toe komt er een vrijwilliger van De Regenboog om samen met Spike en mij te wandelen, een wandelbuddy. Zo maak je ook vanzelf een praatje met de buren en met andere mensen die met hun hond lopen. Een hond brengt je dus een beetje onder de mensen. Anders zat ik hier maar tv te kijken. Dan glijd je langzaam af.’

Het gaat dus twee kanten op. Hans vertelt: ‘Een hond geeft voldoening. Je krijgt heel veel liefde van een hond en je bent nooit alleen. Altijd als ik thuiskom, is Spike blij dat ik er weer ben. Je moet er gewoon zijn voor een hond, maar Spike is er dus ook voor mij. Als ik niet zo lekker in mijn vel zit of me depressief voel, dan trekt mijn hond me er doorheen.’

Hans nam alle straatdieren mee naar huis

Hans: ‘Vroeger mocht ik geen huisdieren, omdat ik astmatische bronchitis heb. Maar dat heeft me er niet van weerhouden. Alles wat ik aan dieren op straat vond zwerven en wat zielig was, nam ik mee naar huis. Toen heb ik een keer een test laten doen bij de huisarts. Wat bleek? Voor veel dingen ben ik allergisch, maar niet voor dieren. Gelukkig, wat ik ben gek op dieren, altijd geweest. Op de lagere school hadden ze bij een vriendje van mij een Duitse herder die ze zat waren. Dus die nam ik ook mee naar huis.’

Hans en Spike

Hans en Spike

Hans is een redder in nood

Hans vind alle dieren belangrijk. Hij vertelt: ‘Ik kan het niet aanzien als dieren in nood zijn. Het maakt niet uit wat voor dier. Zelfs de spinnen in mijn tuin vind ik ook mooi, die laat ik beslist zitten. Als ik een wesp in het water zie spartelen, dan haal ik ‘m eruit en zet hem op het droge. En als ik een gewonde vogel, kat of hond op straat zie, dan bel ik de dierenambulance.

De hond gaat altijd mee

‘Rond het jaar 2000 kreeg ik mijn eerste hond,’ vertelt Hans. ‘Het was een Mechelse herder uit het asiel. Toen woonde ik samen met mijn vriendin, nu mijn ex. Het was onze hond, maar zij was geestesziek. Dus wie laat die hond uit? Wie verzorgt hem? Ik. En naar wie trekt die hond? Precies, naar mij. Toen mijn ex me het huis uit zette, mocht ik “mijn” hond gelukkig meenemen. Eerst ging ik naar mijn vader, die woonde toen begeleid, ook via HVO-Querido. Daar mocht je geen dieren houden. Later vroeg ik aan mijn zuster in Noord of zij op mijn hond wilde passen. Daar ben ik niet trots op.’

Wat staat er op nummer één?

‘Toen ik verslaafd was, heb ik een hele tijd geen dieren gehad. Want mijn filosofie is dat een verslaving voor alles gaat,’ legt Hans uit. ‘Dus dan heb je niet genoeg aandacht voor het dier. Dan gaat al je geld naar die verslaving en komt een dier tekort. Dit terwijl je huisdier op nummer één moet staan. Daarom heb ik pas weer een dier genomen toen ik clean was. Nu zorg ik beter voor mijn huisdieren dan voor mezelf. Ginger was mijn eerste hond in tijden. Een vuilnisbakkie uit het asiel van zeven jaar oud. Die heb ik nog drie mooie jaren kunnen geven.’

Queen, de vorige hond, bij Hans aan de muur

Queen, de vorige hond, bij Hans aan de muur

Queen en Spike

‘Daarna kwam Queen, een Old English Bulldog,’ zegt Hans. ‘Die was een jaar en zeven maanden toen ik haar uit het asiel haalde. Zij is zes jaar bij me geweest. Ze was op het laatst helemaal op, doorgefokt. Ik moest haar laten inslapen, drie dagen voor Kerst. Dat is niet makkelijk, maar het hoort er helaas bij. Want ellende en pijn wil je ook niet voor je hond.’

‘Spike, een pittige Amerikaanse Stafford, heb ik nou bijna een jaar,’ gaat Hans verder. ‘Ook uit het asiel. Waarom zou je geen hond uit het asiel halen? Ze zijn ingeënt, medisch goed nagekeken en het asiel zit altijd vol. Zo maak je een beestje blij. Spike is nu bijna volwassen. Als buiten met hem loop wil ie altijd overal heen, overal aan snuffelen. Altijd nieuwsgierig, blij en enthousiast.’

Hans en Spike

Hans en Spike

Een huisdier hebben is niet zo duur

‘Is het duur om voor Spike te zorgen? Dat valt best mee,’ legt Hans uit. ‘Natuurlijk moet je hem eten geven en verzorgen, maar daarin maak je keuzes. Net als met alles kies je of je dingen bij de Bijenkorf koopt of bij de Aldi. Meestal koop ik grote zakken voer van twintig kilo op internet. Daar doet Spike een maand mee. Voor de dierenarts heb ik een potje. Daar spaar ik elke maand voor. Je hebt ook nog de ADAM-regeling, waarin de gemeente bijspringt als je naar de dierenarts moet. Als je huisdieren goed verzorgt, worden ze niet zo snel ziek. En als je het er niet voor over hebt, dan moet je gewoon geen dieren nemen.’

Spike

Spike

Als je het er niet voor over hebt, moet je geen dier nemen

‘Spike was een corona-pup. Gekocht in de lock-down en daarna was het te veel werk,’ legt Hans uit. ‘Zo kwam hij in het asiel en daarna bij mij terecht. Ik kan me een leven zonder Spike niet voorstellen, dus denk alsjeblieft goed na voordat je een huisdier neemt. Het gaat niet alleen om jouw plezier. Het beest moet er ook plezier van hebben. En kies een beest dat bij je past.’

Veel bewoners van HVO-Querido hebben een huisdier

Bewoner Osman heeft bijvoorbeeld twee katten en een parkiet in zijn zelfstandige woning. Bewoner Ruud heeft een kat Poekie in zijn aanleunwoning. Bewoner Metro zorgt voor de Straetenburgh huiskat Noortje. Bewoners Barbara en Maaike hebben een hond. Bewoner Behrad heeft twee katten in zijn zelfstandige woning. Ook bewoner Erik heeft twee katten en in het Judith van Swethuis loopt huiskat Doedel rond. Lees verder over hun ervaringen met huisdieren in hun interviews.

Deel dit verhaal:

Meer lezen?

Bekijk dan al onze verhalen.