Nieuws

Een moeilijke weg, vol obstakels

Soms word je zo gegrepen door een boek, dat je door wilt gaan om te weten hoe het afloopt. Izzy, vrijwilliger bij centrum De Poel van HVO-Querido, maakte het wel heel bont: hij wilde eens per se langer in de isoleer blijven om een boek uit te lezen.

‘Ik weet niet meer hoe het heette en ook niet meer wie het heeft geschreven, maar het was een verhaal, het speelde in Amerika, over een serieschrijver, iemand die schrijft voor de tv. Hij had geen succes, nooit werd er iets van hem uitgezonden. Zijn grootste wens was om een successerie te schrijven, maar dat lukte steeds niet. Hij had daardoor wel tijd voor zijn gezin, ze konden samen gezellig genieten van het leven, ze waren gelukkig. Dan wordt een serie van hem verkocht, het wordt een hit en hij wordt van niks ineens heel rijk. Dan valt zijn gezin, zijn leven, zijn geluk uit elkaar. Zijn succes wordt zijn ondergang.’

Terwijl hij het vertelt, kan Izzy, hese stem en een onvervalst Amsterdams accent, er smakelijk om lachen. ‘Ik zat veertien dagen in isolatie en dat boek was het enige wat ik had, dat bleef bij me. Je kunt er verder ook niks doen. Ik had zo’n beetje uitgemikt hoeveel ik elke dag kon lezen om de tijd door te komen. Op een gegeven moment mocht ik er eerder uit. Toen heb ik gevraagd of ik nog even in isolatie kon blijven om mijn boek uit te lezen. De directeur zei: we hebben hier al veel gekken gezien, maar zo gek nog niet.’

Izzy

Mooiste buurt

Izzy (1978) wordt geboren in de Turkse stad Aksaray. Als hij een jaar oud is verhuist hij naar Nederland, dan gaat hij weer terug naar Turkije en op zijn zevende jaar komt hij definitief naar Amsterdam, waar zijn gezin in de Rivierenbuurt gaat wonen. ‘Ik heb in bijna alle buurten van Amsterdam gewoond, maar de Rivierenbuurt is het mooist, wij woonden vlakbij het Victorieplein,’ aldus Izzy.

Verkeerde keuzes

‘Ik heb geen één opleiding afgemaakt. Ik deed detailhandel, maar ik deed maar wat, ik wist niet wat ik wou, het was gewoon een gok. Ik was er niet mee bezig, ik had het nooit onderzocht. Als kind wilde ik astronaut worden, daarom ben ik later gaan gebruiken, zo kon ik toch nog vliegen, haha.
Ik heb veel verschillende baantjes gehad. Veel productiewerk via uitzendbureaus. Van kaas plastificeren tot het inpakken van processoren voor computers. Ik heb op een paardenmanege gewerkt, bij een dierenasiel en als hovenier. Nergens liep ik echt warm voor, na drie, vier maanden gaf ik het weer op.
Om een lang verhaal kort te maken: mijn leven was een aaneenschakeling van verkeerd gemaakte keuzes, al zag ik dat toen heel anders. Dat kwam vooral door mijn verslaving.

Gaan zien

Ik heb heel laag gezeten en veel moeten meemaken voor ik hier kwam, het was een lange moeilijke weg, vol obstakels. Soms moet je een weg bewandelen voordat je wakker wordt. Je hebt geen keus. Je moet de goot zien om echt te kunnen gaan zien, anders blijf je blind. En geloof me, ik heb de goot niet alleen gezien, we hebben ook echt kennis gemaakt.’ Weer klinkt de aanstekelijke lach van Izzy door de ruimte van De Poel. ‘Ach ja, alles met een lach en een traan,’ gaat hij verder.
‘Iets doen voor een ander, stoppen met drugs bijvoorbeeld, dat lukt nooit. Dat breng je niet op. Je kunt het wel denken, maar ernaar handelen is iets heel anders. Stoppen moet je zelf doen en zelf willen.

Zijwieltjes

Ik heb twee jaar in dit gebouw gewoond. Als instromer in het Passantenverblijf hoefde je niet naar buiten overdag. Ik was een van de eersten die daarvan mocht profiteren, in augustus 2015 was dat. Dat was een groot voordeel voor mij. Ik heb zo’n beetje alle klinieken en instellingen gehad over het hele land. Het meeste was strafrechtelijk. Als de maatregel voorbij  is, sta je weer buiten met een hoop spaargeld. Want in zo’n kliniek geef je niks uit.
Nu woon ik via de Volksbond in Geuzenveld, daar heb ik veel meer zelfstandigheid en moet ik alles zelf doen. Dat vind ik veel beter. Je kan “met zijwieltjes” wel zeggen: ik red me wel, maar kun je dat wel echt? Praten is goed, doen is beter. Bewijs het maar.

Dit is niet wat ik wil

Toen ik in het Passantenverblijf zat is er iets wonderbaarlijks met mij gebeurd. Ik ben gestopt en ik heb het nooit meer aangeraakt. Ik besefte: dit is niet wat ik wil. En ik heb het volgehouden, op kracht, en helemaal alleen.
Ik kom uit een groot en hecht gezin. Wij bemoeien ons graag met elkaar. Zij zijn blij voor mij, we hebben nu gelukkig weer goed contact. Verslaving, een gehaaid leven, dat geeft heel veel onrust. Je bent niet meer wie je was.

Klimmen

Nu doe ik twee dagen per week dagbesteding bij De Poel. Ik ben een soort klusjesman, ik doe van alles: sjouwen, timmeren, slopen, noem maar op. Ik was geïnspireerd door Myrjam en Fanny [medewerkers van De Poel, red.] dat ze er zoveel tijd insteken. Ze schenken echt aandacht aan mensen. Ze laten je voelen dat je wat waard bent. Ze geven je een touw om vast te pakken, zodat je kunt klimmen. En nu help ik ze daarbij.

Bijschaven

We hebben hier een klein bibliotheekje voor bewoners. Ik heb zelf niet veel gelezen, maar ik wil het wel. Het is mijn wens om nog veel te leren. Vroeger las ik alleen spannende boeken over misdaad, nu lees ik ook andere dingen.
Het grappige is dat elk boek voor iedereen anders is. Ook al lezen we hetzelfde, iedereen geeft er zijn eigen draai en betekenis aan. Het is dus niet alleen het boek, je bent het samen.
Lezen verrijkt je kijk op dingen. Je leert dat er ook nadere manieren zijn om naar iets te kijken. Het ontspant en je krijgt er meer kennis door. Lezen geeft cultuur, zo weet je hoe je moet staan en zitten. Zonder cultuur ben je geen mens maar een dier. Door te lezen krijg je ook nieuwe woorden aangereikt, het schaaft je denken bij. Als je zelf kunt denken, hoef je niet met alle winden mee te waaien.’

 

 

 

Reacties ( 0 )

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *