Milena kwam in 2004 naar Nederland met een rauwe geschiedenis die sporen achterlaat, waaronder 8 jaar dakloos zijn in Amsterdam. Een zwaar leven in Bulgraije. Uithuwelijking. De dood van een kleinkind. Geen vaste verblijfplaats hebben. ‘Ik ben moe. Zó moe,’ zucht Milena. Hoe helpt Milena’s netwerk haar verder? Dat lees je in dit artikel
Samen met netwerkondersteuner Karen vormen vriend Martien en vriendin Mona Milena’s netwerk. Tijdens een netwerkbijeenkomst bespreken ze hoe ze Milena’s leven weer op de rit kunnen krijgen nu zo op een wachtlijst staat voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen. Ondanks dat Milena inmiddels in Amsterdam ‘woont’, heeft ze namelijk geen vaste verblijfplaats en maakt ze zich zorgen om haar dochters en kleinkinderen.
Karen legt uit: ‘Hulpverleners komen en gaan, maar vrienden zijn blijvend. Netwerkondersteuning is inmiddels een bewezen aanpak waarmee we mensen zoals Milena laagdrempelig kunnen helpen met financiën, medische hulp en contact met instanties.’
Financiële problemen en doktersafspraken
Naast Milena’s onzekere woonsituatie en de zorg voor haar familie, heeft ze nog veel meer op haar bordje. Milena: ‘Ik kreeg een rekening, van duizend euro! Maar dat heb ik helemaal niet!’ Dan slaat de paniek natuurlijk toe. Na wat overleg en administratief graafwerk van het netwerkteam, blijkt dat het probleem niet zo groot is als het lijkt. Gelukkig. Daar komt vooral de hulp van vriend Martien bij kijken. Hij helpt Milena met financiën en met de situatie van Milena’s dochters en kleinkinderen.
Helaas dient het volgende probleem zich alweer aan: een afspraak bij de huisarts maken voor de uitval van Milena’s arm door de stress. Een bezoek aan de oogarts voor een oogoperatie. Verwarrende gesprekken met artsen. Door stress moeite hebben om doktersafspraken te onthouden.
Daar helpt vriendin Mona gelukkig bij. Ze gaat samen met Milena naar medische afspraken, geeft uitleg bij gesprekken met dokters en koopt samen een agenda, zodat afspraken niet worden vergeten. Het volgende onderwerp op de lijst is de dokter. Vriendin Mona helpt Milena bij al haar doktersbezoeken. Mona: ‘Milena was mijn bovenbuurvrouw in het stapelbed van de daklozenopvang aan de Transformatorweg. We hebben veel met elkaar gedeeld en ze hielp me met haar kracht en vrolijkheid. Of ze bracht me ineens een koekje, of een appel. Zo lief.’
Milena: ‘Door de hulp van mijn vrienden voel ik me veiliger. Ik voel me beschermd.’
Een eigen huis
Gelukkig zit er wel degelijk vooruitgang in de situatie van Milena. Het gaat beter met Milena’s ogen, waardoor ze weer naar Nederlandse les kan. Er is een overzicht van haar financiële situatie. Ze heeft nu een IPS jobcoach die haar gaat helpen bij het zoeken naar een geschikte baan.
En sinds kort heeft ze een woonruimte met twee huisgenoten. Mona: ‘Jammer is wel dat Martien en ik haar daar niet kunnen opzoeken, omdat ze geen bezoek mag ontvangen.’ Toch is Milena erg blij met haar netwerkondersteuning. Milena: ‘Zo kan ik de eerste stapjes zetten om mijn leven beter te maken.’
Hoe ziet Milena de toekomst?
En hoe ziet dat betere leven eruit in de toekomst? Milena: ‘Over vijf jaar zou ik wel een eigen huis willen hebben. Misschien wel een groot huis, als ik hard werk’, zegt ze met een knipoog.
En wat voor werk zou ze dan willen doen? ‘Poeh! Dat weet ik nog niet! Dat ga ik samen met mijn jobcoach uitzoeken. Maar eerst heb ik rust nodig. Rust in mijn hoofd.’
Het pilotproject Stedelijke Netwerkondersteuning is een initiatief van HVO-Querido, Leger des Heils, perMens en Cordaan.

