Nieuws

Warm bad voor nieuwe bewoners

Als je in een nieuwe wijk komt wonen, is het soms lastig om je draai te vinden. De Buurtcirkel, een netwerk van mensen die vlak bij elkaar wonen, kan dan helpen bij een zachte landing.

Boodschappen doen gaat niet meer zo makkelijk sinds Edwin (54) onderuitging in zijn badkamer. ‘Vraag niet hoe ik het voor elkaar heb gekregen, maar ik heb bijna alle botjes in de vingers van m’n rechterhand gebroken’, vertelt hij. ‘Daardoor kan ik m’n boodschappen niet zelf tillen. Ik ga binnenkort in m’n Buurtcirkel bespreken of iemand me hierbij kan helpen.’

Edwin hoort bij Buurtcirkel, een netwerk van zo’n tien mensen die bij elkaar in de buurt wonen. De meeste deelnemers hebben een eigen woning en worden begeleid door een ambulant team van HVO-Querido of Cordaan. Elke week komt de Buurtcirkel op verschillende plekken in de wijk bij elkaar.

Gezellig

‘Het is heel gezellig’, zegt Oesha (35), die net als Edwin bij de Buurtcirkel van de Baarsjes in Amsterdam-West hoort. ‘Je ontmoet leuke mensen en hoort interessante verhalen.’ Edwin vult aan: ‘Je kletst met elkaar, je speelt een potje Rummikub; we doen van alles samen.’ Twee keer gingen de deelnemers van de Buurtcirkel al met elkaar koken. Oesha: ‘Een keer was dat bij mij thuis. Edwin stond toen in mijn keuken bami te maken.’

Oesha doet een spelletje bij de Buurtcirkel

Ruim een jaar geleden kreeg Oesha van HVO-Querido een eigen woning aan een gracht in de Baarsjes toegewezen. Het was een bekroning op de lange en moeilijke weg die ze aflegde. Oesha kreeg drie psychoses, waarvan de eerste op haar zestiende. Ze zat op de gesloten afdeling van een psychiatrisch ziekenhuis en verbleef in verschillende klinieken en instellingen. Toen HVO-Querido en Cordaan in december 2017 de Buurtcirkel in West begonnen, sloot Oesha zich er meteen bij aan. Het hielp haar om nog beter haar plek te vinden in de wijk. ‘Ik zou het niet meer willen missen.’ Ze schudt met haar armen voor haar lichaam en lacht aanstekelijk. ‘Ik wil nog een keer met onze Buurtcirkel naar de disco!’

Komen jullie?

Maarten Bijlenga, ambulant begeleider bij Cordaan en coach van Buurtcirkel West, ziet het glimlachend aan. ‘Oesha houdt van speciale technohouse.’ Bijlenga stuurt de groep iedere week een berichtje. ‘Daarin staat altijd dezelfde tekst: ‘Komen jullie?’ Als iedereen elkaar vaak ziet, wordt de Buurtcirkel hechter en mijn rol kleiner. Dat is ook precies de bedoeling. Zij bepalen en betalen wat er gebeurt. Als ze besluiten om bij Oesha bami te maken, doen ze zelf de boodschappen.’

Deelnemers Buurtcirkel, rechts Maarten Bijlenga

Buurtcirkel gaat over zelfredzaamheid en eigen regie, weet Muriël Bunjes, die vanuit HVO-Querido momenteel meerdere Buurtcirkels in Amsterdam opzet. ‘Het is een methode om mensen met elkaar te verbinden en zelfstandiger te maken. De Buurtcirkel is van hen, niet van ons. De coach wordt betaald en dat is het. Ze kunnen net als iedere andere buurtbewoner bijvoorbeeld afspreken in een buurthuis.’ HVO-Querido haalde de methode, die al zo’n twintig jaar in Engeland en de laatste jaren ook met succes door Pameijer in Rotterdam wordt toegepast, samen met Cordaan naar Amsterdam. Bunjes: ‘De Buurtcirkel in West was de eerste en er draait nu ook eentje in Oost. Voor het eind van dit jaar zetten we nog vijf nieuwe Buurtcirkels op.’

Begrepen

Ondertussen wordt de Buurtcirkel in West steeds groter. Vorige week stelde coach Bijlenga weer een nieuwe man aan de groep voor. ‘Het was een meneer die er heel moe uitzag’, vertelt Oesha. ‘Zijn ogen vielen bijna dicht. Ik vroeg: Gebruik je ook medicijnen?’ Oesha had meteen door dat het bijwerkingen waren van zyprexa, een medicijn dat wanen en hallucinaties remt; een middel dat Oesha zelf ook gebruikt heeft. ‘Ik ben toen een glaasje water voor die meneer gaan halen.’ Coach Bijlenga: ‘Ik zag aan hem dat hij zich begrepen voelde en dat hij het fijn vond.’ Oesha straalt. ‘Echt waar? Wat fijn. Ik wil mensen graag blij maken.’

Bunjes van HVO-Querido vult aan: ‘Jullie nemen als deelnemers steeds meer de rol van de coach over. Jullie vormen nu samen het warme bad voor iemand die nieuw in de wijk komt wonen.’


Muriël Bunjes en Judith den Hartogh

 ‘Goed op weg met wijkgerichte aanpak’

‘Buurtcirkel is een methode die mensen in de wijk met elkaar verbindt en zelfstandiger maakt’, vertelt beleidsadviseur Muriël Bunjes, die namens HVO-Querido verschillende Buurtcirkels in Amsterdam opzet. ‘Wat dat betreft past Buurtcirkel goed bij de visie van de wijkgerichte aanpak, waarbij de zelfredzaamheid van mensen voorop staat.’

In 2015 werd de wijkgerichte aanpak ingezet. De gemeente Amsterdam kreeg toen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) meer verantwoordelijkheden op het gebied van langdurige zorg en ondersteuning. ‘Vroeger stuurden we mensen die zorg nodig hadden naar de bossen, naar een instelling ver weg van de maatschappij’, zegt Judith den Hartogh, beleidsadviseur Wijkzorg bij HVO-Querido. ‘Met de wijkgerichte aanpak willen we dat mensen zo veel mogelijk in hun eigen buurt blijven wonen. Jij gaat niet naar de zorg toe, de zorg komt naar jou toe.’

De wijkgerichte aanpak is een gevolg van anders aankijken tegen zorg, legt Den Hartogh uit. ‘We gaan van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving. Het uitgangspunt is dat mensen kunnen herstellen en dat het herstellend vermogen in henzelf zit. Niet de hulpverlening, maar mensen zelf bepalen wat goed voor hen is. Bij de wijkgerichte aanpak staat de cliënt in zijn eigen woning centraal, met daaromheen alle organisaties, partijen en mensen die betrokken zijn.’

Samenwerking

Voor de wijkgerichte aanpak is de samenwerking tussen de verschillende sociale partners essentieel. ‘Om die samenwerking aan te jagen, begon de gemeente met het aanstellen van kwartiermakers in de verschillende wijken. Daardoor zijn er allerlei initiatieven ontstaan, zoals wijktafels en bitterbalborrels, waarbij zorg-, en welzijnsorganisaties, informele partijen, huisartsen, het Sociaal Loket en heel veel andere mensen en partijen elkaar ontmoeten.’

Den Hartogh benadrukt dat de wijkgerichte aanpak nogal wat behelst. ‘De aanpak is bedoeld voor mensen van 0 tot 100 jaar: demente ouderen, ontspoorde jongeren, GGZ-cliënten, mensen met een verslaving.’ Niet alleen zorgverleners en gemeentelijke diensten zijn betrokken. ‘Het netwerk in de wijk wordt ook mede gevormd door organisaties en burgerinitiatieven die niet door de gemeente gefinancierd worden of door bijvoorbeeld een bridgeclub.’

Den Hartogh weet dat er qua samenwerking en afstemming nog genoeg werk aan de winkel is en blijft. ‘Maar we zijn ons er met z’n allen van bewust dat we met de wijkgerichte aanpak op de goede weg zijn. Het is een visie en structuur, waarmee we gaan doorpakken.’

Als het aan Den Hartogh ligt, zitten mensen in de toekomst thuis met hun zorgverleners en anderen die betrokken zijn om tafel, en voeren ze zelf de regie. ‘Er is dan één plan voor één cliënt en dat wordt in één digitaal zorgdossier vastgelegd. De mensen bepalen zelf wie er in hun zorgdossier mag kijken. Dat is het ideaalbeeld.’

 

Reacties ( 0 )

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *