Nieuws

Vloeibare puzzels

Robert van Dijk is een schilder die zelfstandig in de Amsterdamse Indische Buurt woont, waar hij wordt begeleid door de afdeling Discus van HVO-Querido.

Als klein kind wilde Robert van Dijk (1965) al niets anders dan kunstenaar worden. Gelukkig werd dat voornemen door zijn vader, een gemeenteambtenaar, en zijn moeder, een verpleegster, van harte gesteund. Hij komt uit, wat je noemt, een kunstzinnig nest, waar regelmatig bezoek aan musea en tentoonstellingen de gewoonste zaak van de wereld was. Zijn vader was in zijn vrije tijd een enthousiast houtbewerker; zijn moeder maakte objecten van wol en klei. In Roberts woning staan onder meer scheepsmodellen en beelden van zijn beide ouders.

Dat wil ik ook

‘Eerst ging ik naar het gymnasium Pascal aan de Schipluidenlaan, later heb ik een opleiding tot huisschilder gevolgd aan de LTS. Ik heb ook een paar jaar als huisschilder gewerkt,’ vertelt Robert van Dijk. ‘Ik heb geprobeerd om op de Rietveld te komen, maar ze vonden dat ik teveel een eigen stijl had, dat er met mij feitelijk niks meer te beginnen was op een academie. Ik schilder sinds 1980, vanaf mijn vijftiende. Toen ik voor het eerst een schilderij zag, was ik meteen verkocht: dat wil ik ook.

Waardering

Verkopen doe ik niet, dat is me teveel gedoe. Schrijf dat maar op: mijn schilderijen zijn niet te koop. Ik leef van een Wajong-uitkering, als ik een schilderij zou verkopen voor een paar tientjes, dan is dat een enorme administratieve rompslomp, dat wil je niet weten, zo ingewikkeld. Als ik nu geweldig in de markt zou liggen als schilder, zou het misschien een ander verhaal worden. Mijn schilderijen geef ik nu vooral in bruikleen. Ik kom het gratis ophangen, de ontvanger zorgt voor de lijsten. Natuurlijk vind ik het leuk dat andere mensen het kunnen zien. Ik ben ook wel gevoelig voor het oordeel van anderen. Waardering en respons doen je wat. Zelf weet ik waar mijn werk hangt, dus als ik wil, kan ik even gaan kijken. Daarom ben ik constant op zoek naar plekken waar ik mijn schilderijen op kan hangen. Ik zie nog zoveel kale muren overal, dan is het toch veel leuker als ik daar hang, denk ik dan.

Spelen met penselen

Ik teken, ik schilder en ik hanteer allerlei mengvormen, maar toch beschouw ik mezelf vooral als schilder. Ook als ik met inkt werk, zie ik dat meer als schilderen, alleen het inkleuren is dan tekenen. Meestal werk ik met acryl op papier. Vaak heb ik al een bepaald idee in mijn hoofd, maar ik weet niet precies van tevoren wat er op het papier gaat gebeuren. Het speelt door mijn hoofd totdat ik begin. Ik weet vaak niet precies waar het idee vandaan komt. Ik wil gewoon iets uitbeelden, iets van mezelf, iets waar ik op dat moment mee bezig ben. Al mijn schilderijen zijn autobiografisch, het gaat allemaal over mijzelf, het zijn uiteindelijk zelfportretten.
Ik probeer te spelen met mijn penselen. Ik maak een soort vloeibare puzzels.
Mijn werk geef ik nooit titels, signeren en dateren doe ik wel vaak, maar niet altijd.
Mijn best geslaagde werk vind ik het schilderij met de boom, de vogel en het gezicht.

Vanzelf

Het Stedelijk Museum prefereer ik boven het Rijks, maar invloed is een heel raar ding. Vroeger zeiden mensen dat mijn werk leek op kunst van de Aboriginals. Maar dat kende ik helemaal niet, nooit gezien, nooit in Australië geweest. Alles moet blijkbaar ergens vandaan komen, alles moet in een hokje. Ik laat het maar zo. Gekleurde stippen gebruiken ze trouwens overal.
Kunsttheorie zegt me niet zoveel, ik schilder gewoon, het gaat vanzelf. Schetsen doe ik niet, ik ga meteen met de kwast. Spontaan, uit de losse hand. Als ik schilder, vergeet ik de rest van de wereld en alles om me heen. Ik denk niet na tijdens het schilderen, ik maak wat ik leuk vind. Ik zie het hele schilderij min of meer in mijn hoofd, op de details na. Je verandert hier en daar nog wat en op een gegeven moment is het af, dat moment is best moeilijk te bepalen, dat voel je. Schilderen brengt me in een vorm van bewustzijn die ik prettig vind. In combinatie met koffie en cannabis.

Robert van Dijk

Eenling

Ik werk nooit in opdracht of op bestelling, ik maak alleen vrij werk. Ik doe wat ik doe. Ik werk nooit naar model, alleen uit mijn hoofd. Ik ben nogal een eenling, heel incidenteel kom ik op een activiteitencentrum of zo, maar ik werk liever thuis. Vroeger was ik heel fanatiek, ik schilderde bij wijze van spreken dag en nacht, ik exposeerde. Nu heb ik daar de energie niet meer voor.
Neem nu dat blauwe schilderij. Dat heb ik helemaal zelf verzonnen, dat heb ik nog nooit iemand anders zo zien doen. Ik geef overal een eigen draai aan.

Steeds mooier

Ik ben wel eens gestopt met schilderen, maar ik begin ook altijd weer. Het is iets wat bij mij hoort, ik kan niet anders. Nu wil ik ook weer stoppen. De motivatie is weg. Het was ook een vorm van therapie, je wordt er rustig van. Maar ik heb al vijf jaar geen psychoses meer. Dan heb je ook geen therapie meer nodig. Het is natuurlijk wel prettig om geen psychoses te hebben, maar daardoor voel ik nu ook geen drang meer om te schilderen, dat is wel jammer. Op een gegeven moment ga je jezelf imiteren, je wilt jezelf steeds overtreffen, maar dat lukt niet altijd, het kan niet allemaal steeds mooier worden. Soms worden je schilderijen hetzelfde of slechter. Kunst is geen wedstrijd.

Natuur

Vroeger wilde ik het liefst zou ik in de natuur wonen. Niet in de rimboe, maar in een huisje in het Amsterdamse Bos bijvoorbeeld. Nu woon ik hier in Oost via Discus. Eerst woonde ik in Oud-West, toen was ik drie jaar dakloos en nu woon ik hier. Ik zit hier gunstig. De begeleiding komt langs. We praten over dingen die ik in mijn leven tegenkom, waar ik mee bezig ben. Het zijn gewone gesprekken over van alles, over schilderkunst, maar ook over eten. Ik geef ze bijvoorbeeld tips waar je lekker Chinees kunt eten.
Ik hoef niet zo nodig naar een beschermende woonvorm, ik blijf liever hier op mezelf wonen. Ik ben hier wel tevreden. Ik doe mijn boodschappen, ik luister veel naar reggaemuziek. King Tubby moet je echt horen, die kan ik iedereen aanraden. Ik blijf momenteel liever binnen. Drie jaar lang heb ik op straat gewoond en in de bosjes geslapen, ik heb mijn portie buiten wel gehad.

Toekomst

Ik hoop zelf gezond te blijven en wens dat ook iedereen van harte toe. Verder hoop ik dat er nu eindelijk eens iets gaat gebeuren aan die vervuiling overal, de broeikasgassen en al dat plastic. Ik hoop echt op een groeiend collectief bewustzijn ten aanzien van het milieu.’

 

 

 

Reacties ( 1 )

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *