Nieuws

Nature is my friend

Soms is niets wat het lijkt bij de winteropvang van HVO-Querido aan de Amsterdamse Havenstraat.

Persijs Muiznieks bijvoorbeeld is een keurige, welbespraakte en kosmopolitische heer, goed in de kleren. Als je hem hoort praten, denk je in eerste instantie met iemand uit Schotland te maken te hebben, maar hij blijkt een inwoner van Letland te zijn, met bovendien een vrouw, twee dochters en vier kleindochters in Finland.

Bij nadere beschouwing blijkt Persijs, die niet op de foto wil, meer verbonden te zijn met Amsterdam dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Van de laatste twintig jaar van zijn leven heeft hij naar eigen zeggen bruto zo’n vijftien jaar in Amsterdam gewoond. Tot dusver bracht hij zijn verblijf in onze stad grotendeels door bij een goede vriend, Alfons van inloophuis Makom. Toen deze plotseling overleed, was Persijs niet alleen zijn papieren en al zijn spullen krijt, maar ook zijn vaste logeeradres in Amsterdam. ‘I was in desperate shock,’ vertelt Persijs. ‘we were very close, we trusted each other completely, and he passed away, just like that.’

Bij binnenkomst geven gasten van de winteropvang hun bagage in depot .

Klein publiek

Als schrijver, journalist en fotograaf maakt hij boeken over antropologie en volkscultuur, onder meer over traditionele klederdrachten in Indonesië en Nepal. ‘We are not talking bestsellers here, but books for a small and specialized audience.’ In 2013 had hij een fototentoonstelling in Gouda, ‘the cheese capital of Holland,’ weet Persijs, met portretten uit Nepal.

Busy

‘I have to work, I have to keep busy,’ vertelt Persijs. ‘I can’t sit, when I sit, I fall asleep. I never spent much time in the inloophuis, only a coffee, then I go out. I know a few Dutch words.’ Om dat te bewijzen zegt hij: ‘Koffie, goedemorgen, dank je.’ Gasten van de winteropvang kunnen daar overdag niet verblijven. Wat dot hij dan? ‘I spent a lot of time for research in the library, I’m a member.’ Behalve als schrijver werkt hij zo nu en dan als restaurateur van huizen. ‘My wife knows me very well. When we met I said: I will give you children, but I like my job, I keep traveling the world. That is my style. She accepted this arrangement. She likes her freedom as well.’

Begripvol

Persijs heeft niets dan lof voor de mensen van de winteropvang. ‘I have nothing bad to say about them. An excellent team. They help me, no questions asked and for free! They are very kind, experienced and understanding. They can be strict, but they are never rude. The food is okay, it is just food, I never take a second round. The only thing that worries me here is the hygiene, or rather the lack of it. Some people never wash their hands, they are simply not used to the basic concept of cleaning up. They never make use of a trash can. But I don’t want to complain.
And I must say, next to the winteropvang, your Straatjurist helped me very much too. She’s a nice lady and very clever.’

Stapelbedden in de winteropvang

Buiten slapen

Persijs weet nog niet wat hij na 1 april gaat doen als de winteropvang sluit. Hij hoopt dat hij tegen die tijd weer buiten kan slapen, het liefst een stukje buiten de stad. ‘God give me good weather! Usually I take my fiets and my sleeping bag and move around the countryside, in the direction of Haarlem or Abcoude. I know a few farmers here and there. Nature is my friend. I travel from Greenland to Africa and from Russia to the Far East. Africa and Asia are my favourite continents. Despite the fact that they are poor, the people are open minded and hospitable. They have nothing, but they invite you to stay in their house, they share their food.
I also love Amsterdam. The city is unique, the bridges, the cityscape. I can walk here for hours. I consider myself a happy man. I’m an optimist by nature.’

Zicht op de winteropvang vanaf het Haarlemmermercircuit

Trots

Nederlanders zijn een beetje arrogant, aldus Persijs, maar op een bepaald punt weer niet arrogant genoeg. ‘Dutch people should be more proud of their origins, identity and culture.’ Volgens Persijs zijn bewoners van de Baltische staten trots op hun cultuur en geschiedenis. Iedere Let kan zonder moeite de kunstzinnige hoogtepunten van zijn vaderland opnoemen. Op de vraag wie of wat dat dan zijn, noemt hij Vilis Lācis, Jānis Rainis en Andrejs Upīts als grote Letse schrijvers. Hij weet niet of ze in het Nederlands zijn vertaald, maar anders zou dat volgens hem direct moeten gebeuren.

Verder lezen

Kijk hier voor de website van Persijs Muiznieks.

 

Reacties ( 3 )

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *