Voor haar opleiding bij Howie the Harp loopt Nicole Dankaart momenteel stage bij onze leerwerkplaats ReStyle in Amsterdam Oost. Nog even, want begin oktober zwaait ze af en krijgt ze haar diploma van deze opleiding tot ervaringsdeskundige.
Nicole Dankaart (1979) heeft een veelbewogen, heftige jeugd achter de rug. Zelf praat ze er heel onderkoeld en luchtig over, maar ze heeft genoeg meegemaakt om een heel seizoen van een dramaserie te vullen.
Spiegel
‘Toen ik een jaartje of dertien was, trok ik voor de eerste keer aan de bel,’ vertelt Nicole. ‘Dat was toentertijd nog bij de Riagg. Onze oudste dochter is nu veertien, daardoor besef ik goed hoe anders mijn jeugd eigenlijk had moeten zijn. Als ik zie waar zij nu staat, met mensen om haar heen, met zorg en aandacht, dat is voor mij een extra spiegel.
Ik probeer er te zijn voor mijn kinderen. Ik wil ze vrijheid geven en kind laten zijn en tegelijk behoeden voor alles wat ik heb meegemaakt. Je kunt ze niet afsluiten, je wilt hun ontwikkeling niet blokkeren. Soms vertel ik ze iets van mijn ervaringen, maar zeker niet in geuren en kleuren. Nu nog niet.’
Amsterdam Oost
‘Mijn moeder kampte met psychiatrische problemen en met drank en drugs. Mijn vader is op zijn 22e voor 60% verbrand. Mijn vader staat bekend als Verbrande Herman, er is een documentaire over hem gemaakt. Hij had eerst een snackbar en was later hasjhandelaar. Om eten op tafel te brengen voor zijn gezin heeft hij dingen gedaan die volgens de wet niet mogen. Zo rolde hij in een wereldje van criminaliteit. Mijn vader en moeder hadden vaak ruzie, dat liep regelmatig uit op een handgemeen. Dan was het huis te klein.
We woonden in de Makassarstraat, toen in een woonboot bij de Texaco aan de Sarphatistraat en daarna in de Wakkerstraat in de Watergraafsmeer. Dus ik ben wel een Oost-kindje.’
Puur
‘Als kind wilde ik dierenarts worden,’ vertelt Nicole. ‘Ik heb echt iets met dieren, ik ben liever met dieren dan met mensen. Begrijp me niet verkeerd, mensen zijn ook superleuk, maar dieren dat is puur, pure liefde.
Als er thuis rottigheid was, of als mijn vader weer eens moest vluchten, dan werden mijn broer en mijn zus en ik allemaal ergens anders ondergebracht. Niemand wilde drie kinderen tegelijk opnemen. Toen ben op mijn vierde voor het eerst seksueel misbruikt.
In die tijd ben ik een pleaser geworden. Als ik maar leuk, lief of grappig deed, dan haalde ik thuis de druk een beetje weg. Dan waren ze afgeleid en zouden geen ruzie maken.’
Zoekend
‘Van mijn achtste tot mijn twaalfde ben ik seksueel misbruikt door de man van de oppas. Ook toen heb ik me stil gehouden, omdat ik dacht dat ik niet geloofd zou worden. Dus ik ben vrij jong al met dat soort dingen in aanraking gekomen. Op mijn negende ben ik gaan blowen. Stickies roken, want die hadden we thuis in overvloed. Er was gewoon geen toezicht op mij. Ik vond het wel stoer, zo hoorde ik er op straat een beetje bij. Altijd ben ik zoekende geweest, naar aandacht, naar erkenning, naar liefde.’
Troep
Nicole: ‘Op elfjarige leeftijd liet mijn vader mij achter met mijn moeder, want mijn broer en zus waren het huis al uit. Dat gaat je niet in je kouwe kleren zitten. In die tijd kwam ik in aanraking met harddrugs. Appeltjesspeed heette dat, geen idee waarom. Binnen een jaar was ik keihard verslaafd aan de meeste drugs en rond mijn dertiende kwam ik in aanraking met crack. Dat is toch wel een ander leveltje. Begrijp me niet verkeerd, drugs is drugs, een basepijp of een pakje coke, het is allemaal troep.
Dat is ook de eerste keer dat ik in een psychose terechtkwam. Toen gebruikte ik nog geen heroïne, dus ik had ook niks om mee te dempen. Met mijn huisarts had ik een vrij redelijke band, al heb ik daar wel een mening over. Hij heeft niet ingegrepen bij een dertienjarig meisje dat helemaal van God los zijn praktijk instapt.’
Een eigen huis
‘Op mijn zeventiende kreeg ik op wonderbaarlijke wijze mijn allereerste huisje voor mezelf, vertelt Nicole. ‘Helemaal zelf geregeld. In het centrum, om de hoek bij politiebureau IJ-tunnel. Ik was zeventien en zwaar heroïneverslaafd. Hoe bedoel je: huur betalen? Ik had dat geld nodig! Eigenlijk heb ik er toen bewust met de pet naar gegooid. Ik had al het idee: dit gaat niks worden, ik zie wel hoe lang het duurt. En inderdaad: op mijn achttiende verjaardag ben ik mijn huis uitgezet, een mooi verjaardagscadeautje.’
Poortgebouw
Nicole: ‘Via Streetcornerwork belandde ik bij het Poortgebouw [van 1983 tot 1994 een nachtopvang voor twintig zwerfjongeren aan de Weesperzijde 110 in Amsterdam van HVO, daarna is het Poortgebouw onderdeel van Amstelstad, een voorloper van Levvel, red.]. Dat was om even een paar dagen bij te tanken. Douchen, eten, een bedje.
Toentertijd had ik een relatie met een dame die niet gebruikte, daar kon ik over het algemeen verblijven. Ik heb hard mijn best gedaan om dat in goede banen te laten lopen. Maar de drugs waren toch sterker. Ik kon er niet mee omgaan, het is een hang naar niet willen voelen. En toen was ik voor de zoveelste keer dakloos.’
BWA
‘Op een gegeven moment ben ik bij Begeleid Wonen Amsterdam gekomen, aan de P.C. Hooftstraat, bij het park,’ vervolgt Nicole. ‘Eerst moest ik een traject volgen, laten zien dat ik gemotiveerd was en afspraken nakwam. Je moet aardig doen. Uiteindelijk kreeg ik een woninkje aan de Anemoonstraat in Noord, een zijstraat van de Van der Pekstraat.
Ik heb al heel wat begeleiders gezien in mijn leven. Je bent een goede als je luistert zonder oordeel. Zie de persoon, niet het stempeltje, en luister. Niet op tafel tikken of naar de klok kijken. Kijk iemand aan. Stel je open op. Probeer er samen achter te komen wat de behoefte van de ander is en vul dat niet alvast in.’
Purmerend
‘Ik ben er niet trots op, maar inbreken en mensen beroven, het is wel wat ik heb gedaan. Op een gegeven moment boeide het mij niet meer van wie ik wat roofde. Nou ja, geen oude mensjes of kinderen en ik heb nooit geweld gebruikt.
Ik beroofde vaak gevaarlijke mensen, vooral drugsdealers. Die waren niet blij met mij. Toen kreeg ik een waarschuwing van de wijkagent. Nicole, je moet weg, want je staat op een lijst.
Nu woon ik alweer 25 jaar in Purmerend. Daar kom ik trouwens veel Amsterdammers tegen.’
Het diepe
‘Ik ben vaak gestopt met drugs en de molen ingegaan met het besef: dit is niet wat ik wil. Heel vaak heb ik aan de bel getrokken, hulp gezocht en gekregen, maar niet de juiste hulp.
Want daarna werd je weer aan je lot overgelaten. Afkicken is simpel. Je gaat ergens naar binnen en dan stopt je middelengebruik, want je kan er niet bijkomen, over het algemeen.
Dan sta je weer buiten en word je weer in het diepe gegooid. Je krijgt geen nieuwe woning aangeboden in een andere buurt. Dus je gaat weer naar je huisje, je hebt niks te doen, je vrienden komen weer langs, want dat ruiken ze, en daar gaan we weer.’
Voetbal
‘Op een of andere rare manier heb ik ook altijd mensen gezocht die niks te maken hadden met het leventje,’ aldus Nicole. ‘Zo heb ik altijd gevoetbald, dat was mijn redding. Ik heb bij veel clubs gespeeld: De Geuzen, Voorland, Wartburgia, Overamstel en ook in het Amsterdamse elftal. Het liefst speelde ik linksbuiten, maar ik ben ook middenvelder en keeper geweest. Voetballen heeft me geholpen om een beetje in het gareel te blijven.’
Sok
‘Als je aan de bel trekt hoor je: je moet eerst wat aan het psychische gedeelte doen voordat wij je kunnen helpen. En andersom: nee, je moet eerst van je verslaving af,’ weet Nicole uit ervaring.
‘Op mijn zeventiende ben ik voor het eerst opgenomen, ik weet het nog precies. Ik werd ongesteld, ik had niks om me te verzorgen en ik had een winkelverbod in Oost. Toen heb ik een vieze sok gepakt van een medegebruiker, want zelf had ik geen sokken aan. Dat was een soort breekpunt, toen dacht ik: oké, tot hier en niet verder. Ik vond dat zo triest, zo onmenselijk, met die vieze sok, ik was er helemaal klaar mee. Toen heb ik mijn zus gebeld en ben ik opgenomen in de Jacob Obrechtstraat.’
De moeite waard
‘Pas de laatste drie jaar vind ik mezelf iets waard en kan ik geloven in mezelf. Geloven dat ik iets kan. Dat het leven de moeite waard is om er wat van te maken.
Dat komt ook omdat ik getrouwd ben. Ik heb niet alleen een vrouw, maar ook vier bonuskinderen. Superleuk. Kinderen vind ik de mooiste wezentjes die er bestaan, want die zijn ook puur. Ik wil mijn kinderen graag geven wat ik zelf heb gemist. De dingen die zij nodig hebben en die ik heb gemist zijn niet automatisch dezelfde dingen, daar moet ik voor waken.’
Inzicht
‘Een paar jaar geleden heb ik eindelijk de juiste therapie gehad: Psytrec, dat is een vorm van traumaverwerking,’ aldus Nicole. ‘Het heeft te maken met herbeleving. Je stelt je in geuren en kleuren bloot aan gebeurtenissen die je hebt ervaren. Exposure heet dat, en vervolgens ga je met EMDR nog eens van een afstand terugkijken om het een plaats te geven. Dat heeft bij mij gewerkt en me veel inzichten gegeven.
Omdat ik altijd heb gezegd wat anderen graag willen horen, moest ik nadenken over allerlei dingen die iedereen weet. En nu echt voor mezelf. Wat vind je fijn en wat niet? Wat eet je het liefst? Wat is je favoriete kleur? Je lievelingsgetal?’
Zwaar
‘Het is zwaar hoor, die therapie, en niet voor iedereen weggelegd. Ik kick liever nog een keer van de heroïne af dan dit nog een keer. Maar bij mij werkt het wel. De dingen die ik heb meegemaakt zijn niet weg, maar het zijn nu “gewoon” nare herinneringen. Ik word er niet meer beroerd van, ik durf nu gewoon naar buiten.’
Iets betekenen
‘Ik ben bij Howie the Harp terechtgekomen omdat ik wat wil doen met alles wat ik heb meegemaakt. Groeien en iets betekenen voor andere mensen. Blijkt dat je daar toch een papiertje voor nodig hebt. De informatiedag van Howie the Harp beviel me en de selectiegesprekken ook. Toen heb ik daar financiering voor aangevraagd bij het UWV en dezelfde dag kreeg ik groen licht.
Bij Howie the Harp pas ik goed in de groep, absoluut, 100.000%. Ik ben een echt mensenmens, een sociaal dier, ik sta open voor iedereen. Je leert onder andere waarom we doen wat we doen. Zo kom je bij de kern waar je tegenaan bent gelopen.’
Naast mensen staan
‘Hoe ik de toekomst zie? Ik wil ervaringsdeskundigheid op de kaart zetten en trainingen geven hoe je om kunt gaan met mensen zoals ik. Zo mag ik het eigenlijk niet meer noemen, want we zijn allemaal gelijkwaardig.
De deelnemers hier bij ReStyle hebben een klik met mij omdat ik makkelijk een brug sla. Ik ben gewoon open over waar ik vandaan kom. Daardoor is de drempel om met mij in gesprek te gaan een stukje lager. Een luisterend oor bieden en naast mensen staan.’
‘ReStyle is supertof, een hele leuke plek om dingen te leren. Er zijn hier mogelijkheden voor iedereen om weer een stapje omhoog te zetten op de ladder. Bijvoorbeeld weer naar school, of dagbesteding of werk. Deelnemers kunnen dat omdat ze hier weer kracht hebben gevonden in zichzelf.’
Reis
‘Door een stukje van jezelf te delen – hé, ik heb ook in een soortgelijke situatie gezeten – geef je andere mensen meer ruimte. Daardoor voelen ze zich op hun gemak en valt de schaamte weg. Ik vind het ontiegelijk gaaf als ik met iemands reis mee mag lopen en als ik daar iets in kan betekenen. Het is geweldig om de ander wat licht te kunnen geven op zijn pad.’
‘Trainen, voorlichting geven, voor de klas staan of voor een woongroep, dat lijkt me allemaal geweldig. Op 9 oktober zwaai ik af, dan krijg ik mijn diploma. Dan hoop ik dat HVO-Querido zo dol op mij is dat ze me niet meer willen laten gaan, want ik vindt het een hele fijne organisatie.’
Stempels
‘Zelf ben ik een open boek en ik houd ervan om gewoon te zeggen waar het op staat. Al die stempels en labeltjes, dakloos, verslaafd. Ik ben non-binair, sinds kort kan ik het een naam geven. Daarin voel ik me volkomen geaccepteerd. Eigenlijk ben ik daar niet zo mee bezig, ik leef gewoon als Nicole en probeer mezelf staande te houden in de grote boze buitenwereld.
Zoals ik al tegen Valente zei: “Ik heb liever dat je me opneemt in je team, dan dat je een vlag buiten hangt.” Bij HVO-Querido word ik gelukkig overal bij betrokken.’


