Nieuws

Gaan zitten? Nee, doorgaan!

Nadat hij eerder onderdak vond in ons Passantenhotel aan de Boerhaavestraat, probeert Soran Gaffaf uit Koerdistan momenteel in De Nassau, een kleinschalige passantenopvang van HVO-Querido voor twaalf bewoners in Westerpark, zijn leven opnieuw op te bouwen. 

Soran Gaffaf (1965) wordt geboren in Koerdistan in het noordelijke deel van Irak. Hij komt uit een gegoede familie van ontwikkelde en goed opgeleide mensen. Zijn vader ging naar de universiteit en werkte als inspecteur voor het Koerdische equivalent van bouw- en woningtoezicht voor de gemeentelijke overheid. Zelf gaat Soran ook naar de universiteit, waar hij geologie en bouwkunde studeert, een constructieve keuze in een streek zo rijk aan delfstoffen als Koerdistan. ‘Als je in Kirkuk ergens een gaatje boort, vind je na tien meter olie,’ vertelt Soran, ‘het is een ongelooflijk rijk land.’

Naar Nederland

Zijn leven loopt echter anders dan gepland. Nadat hij eerder al om politieke redenen in de gevangenis had gezeten, moet hij begin jaren negentig vluchten voor het regime van Saddam Hoessein en zo komt hij in 1993 in Nederland terecht. Nederland is een bewuste keuze van Soran, zijn broer is hier al eerder naartoe gevlucht en vertelt hem enthousiaste verhalen over ons land en Amsterdam.

Soran voor de Nassau

Ondernemer

Soran krijgt een verblijfsvergunning en een Nederlands paspoort. Hij begint een eigen restaurant en winkel aan de Constantijn Huygensstraat in Amsterdam. ‘We praten nu over lang geleden,’ vertelt Soran, ‘Koerdisch eten was hier nog niet bekend, dus ik begon een Grieks restaurant, Grieks en mediterraan. Ik heb mezelf Grieks leren koken en langzamerhand kwam daar ook een beetje uit de Koerdische keuken bij. Het was een mooie zaak, we deden ook veel cateringwerk. Het Van Goghmuseum was bijvoorbeeld een klant. Hapjes maken voor honderden mensen, echt mooi.

Geen leven

In 2007 dacht ik dat ik terug zou kunnen gaan naar mijn geboorteland en dat heb ik ook gedaan, met de bedoeling in Koerdistan een nieuw leven te beginnen. Maar het is niet gelukt, het was echt een hele gevaarlijke situatie daar. Aanslagen, moord, geweld en oorlog, altijd maar oorlog. Na een paar jaar dacht ik: genoeg is genoeg. Ik kon niet meer. Je bent altijd onzeker, ik was bijna altijd bang. Wat gebeurt er volgende week met mij? Leef ik over een uur nog? Dat is niet normaal. Je hebt geen enkele zekerheid en dat is geen leven. Daarom ben ik ruim twee jaar gelden weer teruggekomen naar Nederland.

Te eerlijk

Achteraf ben ik te eerlijk geweest toen ik terugging naar Koerdistan. Ik ging toen namelijk naar Eigen Haard en zei: hier is mijn sleutel, ik vertrek. Dat vonden ze een prima plan, maar toen ik terugkwam zeiden ze: we zetten u op een lijst en over veertien jaar is er misschien een woning. Terwijl ik genoeg mensen ken die dat onder de tafel hebben gedaan, met onderhuur. Zij wonen al lang weer in hun huis. Ik ben eerlijk geweest, ik heb me aan de regels gehouden en daar ben ik voor gestraft, zo voelt dat.

Hoop

Het was heel moeilijk toen ik net terug was. Ik kon nergens slapen, ik stond op straat. Toen ben ik ongeveer anderhalf jaar geleden bij de Boerhaavestraat gekomen [het Passantenhotel van HVO-Querido, red.] en dat zijn prachtige mensen daar, een hele goede staf. Zij hebben veel voor mij gedaan, dat zal ik nooit vergeten. En nog steeds, als ik iets nodig heb, dan vinden we samen een oplossing. Dat ik daar ben opgenomen, gaf mij weer hoop. Hoop dat ik nog een keer opnieuw kan beginnen om iets van mijn leven te maken. Want als je op straat bent zonder dak, kan je helemaal niks. Sinds negen maanden woon ik nu bij De Nassau. Hier heb je meer ruimte, meer zelfstandigheid en meer vrijheid.

Druk

Twee opleidingen doe ik nu, een voor de horeca en eentje voor de administratie en de belasting en dat soort dingen. Voor mijn horecaopleiding loop ik twee dagen, zestien uur per week, stage in het restaurant van het Concertgebouw. Een chique plek met chique mensen en ook een chique restaurant. Werken om te leren. Van de chef-kok leer ik heel veel. Elke dag leer ik iets nieuws. Daarnaast geef ik zelf les in kungfu, ik ben kungfumeester. Mijn rooster is de hele week helemaal vol, ik ben druk. Ik wacht nooit tot mensen zeggen, je moet dit of dat doen, ik heb het allemaal zelf geregeld. Het is niet altijd makkelijk, maar ik moet iets doen.

Veilig

Nederland is een mooi land met aardige mensen, iedereen wil je helpen. En misschien wel het belangrijkste: ik ben hier veilig en nooit bang. Als je in Irak een boodschap gaat doen, weet je niet of je levend terugkomt. Hier is dat gelukkig allemaal niet. Ik ben allergisch geworden voor wapens, ik heb er teveel van gezien. In Irak koop je makkelijker een geweer dan een tros bananen.  Irak heeft nooit iets voor de Koerden gedaan. Daarom had ik geen land en is Nederland nu mijn land. Ik wil graag in Amsterdam blijven wonen, hier ben ik nu gewend. Nu ga ik niet meer terug naar Koerdistan, misschien ooit een keer met vakantie. Als ik mezelf vergelijk met een boom: de boom is hier gegroeid, hij moet nu hier gaan bloeien en vruchten geven. Hier ga ik mijn leven weer bouwen.

Opnieuw beginnen

Zes jaar geleden ben ik gescheiden. Mijn vrouw woont in Koeweit met mijn kinderen, een jongen van 18 en een meisje van 13. We hebben helaas weinig contact.  Het is moeilijk als je zoveel hebt verloren. Sommige mensen gaan veel drinken, andere mensen gaan heel somber doen, maar ik probeer opnieuw te beginnen. Ik denk aan de toekomst, als ik werk heb en een eigen huis. Dan kunnen mijn kinderen bij mij komen logeren. Ik heb de kracht, de power om dat te regelen. Problemen geven mij juist de kracht om door te gaan.  Ik ben positief, voor mij is een glas altijd halfvol. Vroeger had ik een auto, nu een fiets. Vroeger had ik een restaurant, geld en heel veel vrienden. Nu heb ik bijna niks meer, maar ik heb nog steeds vrienden, wel minder, maar toch.  Je kunt kiezen: gaan zitten of doorgaan. Ik kies voor doorgaan.’

 

Reacties ( 0 )

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *