Nieuws

  1. HVO-Querido
  2. >
  3. Nieuws
  4. >
  5. Er zijn voor de mensen...

Er zijn voor de mensen in de stad

06 december, 2025

Per 1 januari 2026 gaat Louise Olij, na zeventien jaar HVO-Querido, van haar welverdiende vervroegde pensioen genieten. Ze heeft diverse functies bekleed bij onze organisatie. De laatste jaren was zij directeur Zorgontwikkeling en Onderzoek. Waar is ze het meest trots op? Welke wijze raad wil zij ons meegeven?

Heb je altijd al een directiefunctie bij een zorgorganisatie willen bekleden?

Nee, dat lag niet per se op mijn pad. Ik wist nooit wat ik later wilde worden, ook niet toen later al was begonnen. Als kind wilde ik onderzoeker worden, dat was een soort droom. En kunstenaar. Ik ben heel erg inhoudelijk gedreven. In mijn laatste functies kwam dat mooi samen. Leidinggeven aan mensen die ook allemaal heel inhoudelijk gedreven zijn.
Leidinggeven is voor mij samen optrekken en samenwerken aan een gedeelde ambitie. Aan dingen die je samen wilt bereiken. Steunend zijn, richting geven, niet managen. Maar ook verantwoordelijkheid nemen en staan voor de zaken die je belangrijk vindt.

Louise in 2009, net bij HVO-Querido, met Veronie Willemars

Louise in 2009, net bij HVO-Querido, met Veronie Willemars

Wat heb je voor opleiding gedaan?

Ik ben wat dat betreft een echte stapelaar. Eerst heb ik een opleiding tot verpleegkundige gedaan, daarna maatschappelijk werk. In ben jong begonnen als hulpverlener, ik heb heel veel verschillende mensen begeleid. Onder andere in de psychiatrie en verslavingszorg. Tussendoor heb ik ook een paar keer maanden gereisd. Maar werken in de hulpverlening, met al die bijzondere mensen dat bleef mijn interesse houden. Naast mijn werk ben ik sociale wetenschappen gaan studeren aan de Universiteit van Amsterdam. In het begin als hobby en als verdieping, maar na mijn afstuderen ben ik gaan werken als beleidsmedewerker en projectmanager. Eigenlijk heb ik altijd min of meer voor dezelfde doelgroep gewerkt. In andere rollen, maar altijd in de stad, meestal in Amsterdam, en altijd met deze groep mensen. Ik heb daar een sterk gevoel van verbinding mee.

Waarom heb je destijds voor HVO-Querido gekozen?

Lang geleden, tijdens mijn studie deed ik onderzoek naar de beeldvorming rond mensen met een psychiatrische kwetsbaarheid. Toen heb ik onder meer interviews gedaan bij DAC Linnaeushof, de voorloper van Centrum Robert Koch. Dat was wel blijven hangen als een bijzondere plek met bijzondere mensen. Daarnaast kende ik HVO-Querido al door mijn werk voor GGZ Nederland en RIBW K/AM. Bij GGZ Nederland werkte ik aan een visiedocument voor de langdurige GGZ. Zo kwam ik in contact met veel betrokken deskundigen, ervaringsdeskundigen en bestuurders.

Eén van hen was Jaap Fransman [bestuurder HVO-Querido 2000-2012, red.], dat vond ik een bijzonder bevlogen en apart figuur. Hij paste bij het beeld dat ik had van de organisatie. HVO-Querido stond voor mij symbool voor de dynamiek van de stad en de drukte. Voor Amsterdam. HVO-Querido zag ik als het echte leven. Dicht bij de praktijk, met lekker veel reuring. Dus toen de mogelijkheid zich voordeed zei ik ja. HVO-Querido, daar wil ik bij horen.

Ik begon officieel op 1 januari 2009, eerst een paar maanden als vervangend projectmanager bij het Martien Schaaperhuis dat toen in oprichting was. Maar ik wist al dat er een vacature als leidinggevende van de stafafdeling kwam, en daar had ik ook belangstelling voor.

En heb je die reuring bij ons gevonden?

Ja, dat kun je wel zeggen. Sinds ik hier ben, heb ik geen saai moment meegemaakt. Toen ik er net was zei collega Cyriel Reestman: we zijn het stadium van de chaos net voorbij. En dat bleef hij maar herhalen, haha. Qua dynamiek ben ik niet teleurgesteld. Een hele drukke leuke organisatie waar alles door elkaar loopt.

Louise in 2011 bij het oude Centraal Bureau aan de Wibautstraat

Louise in 2011 bij het oude Centraal Bureau aan de Wibautstraat

Hoewel de fusie toen al jaren achter de rug was, kon je nog allerlei dingen merken vanuit de HVO- en de Queridokant. Clemens Blaas [bestuurder HVO-Querido 2007-2020, red.] was collega van Jaap geworden. Dat vond ik een mooi duo, Jaap en Clemens. Zij kozen echt voor vernieuwing en vooruitkijken. De verbinding van denken en doen. Dat ging over kwaliteitsverbetering, zowel van de zorg als de huisvesting. Je had toen ook extra middelen vanuit het grote stedenbeleid om de opvang te verbeteren.
Dat was echt een omslag. Dat cliënten meer werden gezien en daarbij de ondersteuning kregen die ze nodig hadden. Waardoor de kwaliteit van hun leven beter werd.

Wat was je eerste functie bij HVO-Querido?

Na projectmanager werd ik halverwege 2009 hoofd van het Stafbureau, zoals dat toen heette. Er was niet veel staf in die tijd. De organisatie was nog een stuk kleiner. Ik kreeg de opgave om de professionalisering van de staf te ondersteunen. De organisatie had denkkracht nodig en projectmanagement. Daarnaast moesten we werk maken van cliëntparticipatie en het herstelgericht werken ontwikkelen en organiseren.
Het was de bedoeling om HVO-Querido wat meer de moderne tijd in te trekken wat betreft opvattingen over zorg en de kwaliteit van zorg. Ook Veronie Willemars, die ongeveer gelijk met mij is gestart, heeft hier een belangrijke rol in gehad.

Wat is volgens jou de essentie van HVO-Querido?

Gevoelsmatig is HVO-Querido voor mij Amsterdam. Dynamisch en divers. Wij zijn er voor grootstedelijke problematiek waarbij je van alles tegenkomt in de wijken. Van overlast tot het beschermen van mensen die daar kwetsbaar rondlopen en hulp van ons krijgen.
Wij zijn een zorgorganisatie en bieden maatschappelijke GGZ en Maatschappelijke Opvang aan een heel palet Amsterdamse burgers en onze ondersteuning is erop gericht dat iedereen zich toch goed kan redden in de stad. Maar de essentie voor mij is dat we een ‘warme organisatie’ zijn. Een organisatie van mensen die werken vanuit het hart. Met veel liefde voor mensen die het om welke reden dan ook moeilijk hebben.

Wat zijn volgens jou de grootste veranderingen de laatste zeventien jaar?

Er speelden steeds andere vraagstukken. Intern ging het vooral om kwaliteitsverbetering van de zorg en huisvesting. De basis op orde krijgen. In de tweede fase ging het om professioneler werken. We waren flink gegroeid, we moesten nadenken over de logistiek van de zorg. Zit iedereen wel op de goede plek? Hoe zit het met de in-, door- en uitstroom? Zorgvernieuwing, niet alleen kijken naar de basiskwaliteit, maar meer vooruit. Nieuwe dienstverlening, nieuwe projecten, de inbedding van ervaringsdeskundigheid.
We begonnen ook al vroeg te denken over de digitale transitie, maar daar was in het begin helemaal geen draagvlak voor.

Louise met haar team op het personeelsfeest van HVO-Querido in 2014, foto Ben Bonouvrier

Louise met haar team op het personeelsfeest van HVO-Querido in 2014, foto Ben Bonouvrier

Betere zorg vroeg om professionalisering van het opleiden, trainen van mensen en veranderingen implementeren. Daarom hebben we nu een heel stelsel secundaire dienstverlening. Met afdelingen voor opleiden, voor projectmanagement, beleid en kwaliteit en communicatie. Dat zijn ontwikkelingen die samen zijn gegaan met de groei van de organisatie.
Financieel ging het ons altijd voor de wind. Het is een beetje kip en ei. Wij doen veel aan vernieuwing en daardoor word je gezien. Daardoor kun je groeien. En om te kunnen groeien heb je genoeg support nodig. Op een gegeven moment komt het besef dat we wel erg groot zijn geworden. Dan is de vraag: hoe houd je de balans tussen de inhoud en alles wat je moet regelen om die inhoud, de zorg zelf, goed te organiseren? Wanneer ben je als het ware ‘overgeorganiseerd’?

We hebben veel mooie bevlogen mensen in dienst, maar nu beginnen er vraagstukken rond de arbeidsmarkt te spelen. Daar hebben wij tijden lang nauwelijks problemen mee gehad. Hoe ga je om met die trend die overal in de zorg zichtbaar is en die alleen maar door zal zetten?
We zien dat we meer tegenwind krijgen in de maatschappij. Er is meer stress in de buurten en wijken. Minder geld beschikbaar voor de zorg. Dat vraagt echt om aanpassingen, omdenken, innovaties. Best lastig in timing omdat teams het door de krapte juist al zo druk hebben.

Louise in 2016 met Karla Nijnens van het Herstelbureau

Louise in 2016 met Karla Nijnens van het Herstelbureau

Ik zie een verschuiving naar van interne gerichtheid naar gerichtheid op buiten. Tijdens de fase kwaliteitsverbetering waren we heel intern gericht. Met de zorgvernieuwing gingen we steeds meer kennis van buiten naar binnen halen. En nu brengen we juist veel kennis van binnen naar buiten. We zijn in deze fase meer extern gericht geworden. Ook maken we veel meer werk van het profileren van HVO-Querido. We zijn een centrale speler als het gaat om onze kennis en ervaring over wonen en opvang en het constant nadenken daarover. Denk aan ons Expertisecentrum en aan onze rol bij Valente op dat gebied. Ook als het gaat om ervaringsdeskundigheid hebben wij veel ontwikkeld. Daarin kan HVO-Querido een voorbeeld zijn. We gebruiken nu bijvoorbeeld altijd drie kennisbronnen: wetenschap, praktijk en ervaring.

Louise met Annet Kunz, personeelsfeest 2016

Louise met Annet Kunz, personeelsfeest 2016

Als organisatie moet je geloven in innoveren en vooruitkijken. Een podium geven aan vakmensen. Je moet cliënten zorg bieden waar je zelf achter staat. Dat is een investering waard. Als het allemaal wat krapper zou worden met middelen, dan moet je juist des te scherper zeggen: hé, hier staan we voor.

Je hebt verschillende functies bij ons bekleed. Wat is jouw specialiteit?

Zorgontwikkeling in relatie tot organisatieontwikkeling. Mijn aandachtsgebied is om juist ook naar lange termijn ontwikkelingen te kijken. Toekomstvisies onder de aandacht brengen. Deze concreet maken en vertalen naar wat je hiermee kan in onze organisatie. Best een uitdaging in een organisatie die vaak heel ad hoc moet reageren.

Eerst was ik directeur Strategie en Innovatie en toen directeur Zorgontwikkeling en Onderzoek. Dat lijken verschillende dingen, maar ik heb dat niet als een knip ervaren. Voor mij hangt strategie heel erg met de inhoud samen. Uiteindelijk zijn we met z’n allen bezig om onze dienstverlening te blijven vernieuwen zodat we aansluiten bij de wensen uit de samenleving. Zowel van cliënten als van financiers. Je hebt altijd veel in- en externe prikkels. Het is mijn rol om die bijeen te brengen. Daarbij neem je natuurlijk allerlei landelijke ontwikkelingen mee. Die vertaal je naar onze praktijk.
Als ik naar mijn afdeling kijk, heb ik kennelijk enig talent om veel hele goeie experts bij elkaar te krijgen. Enthousiastelingen die samen het gevoel hebben dat ze aan het goede werken.

Waar moeten we als HVO-Querido zo snel mogelijk mee ophouden?

Dat vind ik negatief gesteld, zo sta ik er niet in. Iedereen doet enorm zijn best.

Bij het tekenen van de samenwerkingsovereenkomst met Howie the Harp in 2018

Bij het tekenen van de samenwerkingsovereenkomst met Howie the Harp in 2018

Waar moeten we tot in lengte van dagen mee doorgaan?

Laten we goed naar elkaar blijven luisteren. Er blijven zijn voor de mensen in de stad. Laten we proberen het karakter van HVO-Querido te behouden. Een organisatie waarin bevlogen en creatieve mensen de ruimte houden om hun werk zelf goed in te vullen.

Is er ook iets dat je niet is gelukt?

Ik vind het jammer dat thema’s als informele steun, werken met vrijwilligers en samenwerken met de omgeving nog niet de aandacht hebben gekregen die ze verdienen. Een organisatie als de Regenboog weet dat goed te mobiliseren. Bij ons valt dat steeds van het lijstje met vernieuwingen af. Terwijl het betreken van informele steun heel toekomstgericht is, want er komt een tijd dat er veel minder zorgpersoneel is. Met community living maken we gelukkig wel telkens een aanzet tot samenwerking, maar we pakken niet echt door om het als richting te kiezen.

Waar ben je het meest trots op?

Dat is moeilijk, op meerdere dingen in die 17 jaar. De ontwikkeling van herstel en ervaringsdeskundigheid, daar heb ik lang aan bijgedragen. Op de laatste teammanagers eendaagse zag ik dat het echt omarmd is door teammanagers. Verder ben ik trots op alle onderdelen van mijn afdeling. En de mensen die er werken. De innovatiekracht van team Digitale zorg en Innovatie. Van de strategisch adviseurs die onze kansen en risico’s in beeld brengen tot de warme zorg die het Respijthuis biedt. Dat we gedragsdeskundigen hebben, die echt gewaardeerd worden en vakgroepen om ons vakmanschap te versterken.

Louise op de boot van HVO-Querido tijdens de Pride in 2019, foto Petra van der Vliet

Louise op de boot van HVO-Querido tijdens de Pride in 2019, foto Petra van der Vliet

Die vakgroepen staan voor mij symbool voor het teruggeven van de regie aan de zorgprofessionals. Een beetje empowerment. Vanuit de praktijk werken aan praktische zorgvisies en beleid. Voorbeelden delen van wat werkt. Kennis delen over wat zorgmedewerkers echt zelf interessant vinden. Dat alles weer eenvoudig en uitvoerbaar wordt. Het is nog in ontwikkeling, moet nog wat meer bundelen, maar daar geloof ik echt in.

Maar ik ben net zo trots op ons Onderzoeksbureau. Want er wordt niet zoveel onderzoek gedaan op ons vakgebied. Onderzoek dat ook nog een vertaald wordt in praktijkontwikkeling. Denk aan de ontwikkelwerkplaats wonen. Samen met het Expertisecentrum zijn zij ons landelijke visitekaartje. Ik ben ook trots op de verbinding die we hebben met Valente, onze brancheorganisatie waar de landelijke trends en belangenbehartiging samenkomen. Juist ons expertisecentrum is ingehuurd om deze op creatieve wijze toegankelijk te maken voor heel veel andere zorginstellingen. Tot slot ben ik echt trots op dat alle afdelingen binnen Zorgontwikkeling en Onderzoek echt de drie kennisbronnen inzetten: wetenschap, praktijkkennis en ervaringskennis. Zo mooi dat we een eigen cliëntpanel hebben, dat over allerlei thema’s meedenkt!

Wat ga je het meest missen?

Dat waarvoor ik gekomen ben. De dynamiek en de drukte. De mensen en hun creativiteit. Er zijn altijd vraagstukken. Hoe moeten we dat doen? Hoe pakken we dit aan? Dan voel je altijd een enorme energie ontstaan. Oplossingen bedenken, verbindingen maken, mensen aan elkaar koppelen. Ik voel me vaak spin in het web, deel van een netwerk. Het gevoel dat je met zijn allen dezelfde kant op werkt. De diversiteit en het grootstedelijke. Je komt cliënten tegen, je komt medewerkers tegen. Allerlei mensen uit, daar heb je hem weer, de hele stad.

Louise met Jolien Koopman in 2020

Louise met Jolien Koopman in 2020

Wat ga je missen als kiespijn?

Lange vergaderingen. En ook dat je soms even zoekend bent in de interne bureaucratie. Waar ben ik nu in een besluitvormingsproces? Waarom duurt alles zo lang? Waarom doen we zo moeilijk? Kan het niet makkelijker?

Is het fijn om directeur te zijn?

Ja, het is mooi om zoveel te kunnen organiseren en te verbinden. Een podium geven aan al die bevlogenheid en deskundigheid die er in onze organisatie zit. Ik ervaar het als een bevoorrechte functie. Dingen mogelijk maken voor medewerkers en daarmee indirect voor cliënten. Ik heb nooit bestuurder willen worden, dat vind ik te ver van de praktijk af staan. In mijn portefeuille mag ik zelf meewerken aan vraagstukken. Ik ervaar veel nabijheid, ik heb geluk gehad dat ik de vrijheid, de ruimte en het vertrouwen heb gekregen om dit te doen.

Louise met bestuurder Jessica Wesselius en het team gedragsdeskundigen, 2023

Louise met bestuurder Jessica Wesselius en het team gedragsdeskundigen, 2023

Tante Louise*, achtervolgt dat je nog?

Tante Louise ruimt opJa, dat was ook een leuke beweging. Grappig genoeg hoor ik het ook van mensen die helemaal niet weten dat het ooit met mij te maken had. Kunnen we tante Louise niet teruggeroepen, hoor ik regelmatig. Sommige beleidsdocumenten zijn ook heel ingewikkeld. Die vergen dubbelcheck op dubbelcheck. Dat werd dan opgeruimd. Andere mensen deden dat hoor, ik was het uithangbord, een soort beschermvrouwe.

Wat ga je nu doen?

Ik ben heel vroeg begonnen met werken en mijn werk is ook mijn hobby, maar nu wil ik meer ruimte voor mijn naasten en mijn omgeving. Ik heb twee dochters die allebei een dochter hebben gekregen. Dat ik elke week een dagje oppas vind ik een geschenk. Ik ben nieuwsgierig om mezelf te herontdekken en meer tijd te hebben. Ik wil gewoon meer present zijn in mijn eigen leven.
De passie voor mijn werk zal niet zomaar weg zijn. Ik vind het leuk dat ik nog een kleine opdracht voor Valente mag gaan doen. Als zelfstandige, dus dat is nieuw voor me. Helpen verkennen hoe een kenniswerkplaats op te richten. Met al mijn ervaring ligt dat helemaal in mijn straatje en zo leuk dat ik dan ook weer ‘oud’ collega’s tegenkom!

Louise Olij

Louise Olij

Wil je nog iets zeggen?

Ik wens dat iedereen de focus kan houden op het positieve en trots kan zijn op het mooie werk dat we doen. Laten we een beetje het familiegevoel van HVO-Querido vasthouden. We zijn er voor de mensen en voor elkaar. En voor de stad natuurlijk.

* Tante Louise ruimt op! was een project uit 2015-2016 om de administratieve handelingen en bureaucratie in het primaire proces te verminderen. Hierdoor kregen medewerkers meer tijd om aandacht te besteden aan de cliënt.

Kijk hier voor meer artikelen en verhalen over Zorgontwikkeling en Onderzoek.

Deel dit bericht:

Meer lezen?

Bekijk dan al onze berichten.