Een van de manieren om erachter te komen hoe het ergens aan toegaat is simpel: zelf gaan kijken en de sfeer proeven. Om een impressie te geven van het werk van de collega’s bij winteropvang van HVO-Querido loop ik mee met Rebecca, persoonlijk begeleider bij de Transformatorweg, en een paar van haar collega’s. Een keer tijdens een ochtenddienst en een keer bij een avonddienst.
OCHTENDDIENST

Volle bak
Met een kleine 300 mensen in huis waren alle bedden bezet, er hebben zelfs mensen in de eetzaal geslapen. Dat komt omdat naast de ‘gewone’ winterkoudeopvang (WKO), met een vast aantal door de GGD gescreende gasten, de winterkouderegeling (WKR) van kracht is. Deze regeling geldt als gevoelstemperatuur ’s nachts onder nul is. In dat geval mogen alle alleenstaande dak- en thuisloze mensen in Amsterdam gebruik maken van deze nachtopvang. De GGD kondigt deze regeling af.
Een baan en dakloos
Ik loop deze ochtend mee met persoonlijk begeleider Rebecca Burleson. Zij werkt ruim anderhalf jaar bij HVO-Querido. Ze is een zogeheten zij-instromer. ‘Hiervoor werkte ik geruime tijd bij een groot arbeidsbemiddelingsbureau,’ aldus Rebecca. ‘Daar merkte ik dat we steeds meer mensen op een job plaatsten zonder vaste woon- of verblijfplaats. Mensen die dus werken en dakloos zijn. Bizar toch? Dat triggerde me. Toen ik voor het eerst op de Transformatorweg kwam en de mensen hier zag, wist ik het meteen: hier moet ik zijn.’
Mannen
Niemand laat er iets van merken, maar er is even enige onrust omdat de uitzendkrachten die achter het ontbijtbuffet horen te staan niet zijn komen opdagen. Gelukkig zijn ze alleen maar te laat. Gestaag vult de eetzaal zich met mannen.
Bij de T6 slapen alleen volwassen mannen, zij vormen verreweg de grootste groep die gebruik maakt van winteropvang. Vrouwen en jongvolwassenen die hiervoor in aanmerking komen, vinden onderdak bij de Barndesteeg van het Leger des Heils.
De meeste mannen schuifelen in hun eentje langs het buffet en vinden ook alleen een plaatsje aan de lange tafels om te ontbijten en koffie te drinken. Sommigen hebben hun winterjas al aan.
Drukte en rust tegelijk
Het is constant een drukte van belang in de zaal en toch is het ook opvallend rustig en gedempt. Zeker als je bedenkt hoeveel mannen hier in een kleine ruimte bij elkaar zitten. Allemaal verschillende mensen die elkaar niet kennen en niet hebben uitgezocht. Af en toe schreeuwt iemand kort wat door de zaal. Dat wordt door de andere gasten vrijwel meteen sussend gecorrigeerd.
‘Kleine akkefietjes horen erbij,’ aldus Rebecca. ‘Hoe drukker het is, hoe meer dat voorkomt. Mensen kunnen weinig hebben van elkaar. Dat zie je in de hele maatschappij en dat zie je hier ook. Hoe wij zelf doen, hoe wij mensen bejegenen, speelt daarbij een grote rol. Als jij er hard ingaat, doen klanten dat ook. Stress is besmettelijk.’
Met een grote glimlach en zijn arme wijd stapt een van de gasten op haar af. ‘Hé Rebecca, heb je me gemist?’
Benadering
Rebecca beweegt moeiteloos door alle drukte, ze lijkt zich als een vis in het water te voelen tussen de mensen uit deze doelgroep. Te midden van alle hectiek is zij een baken van rust en vriendelijkheid. Ze kent bijna iedereen in de zaal bij naam. ‘Goedemorgen Lucas. Lekker geslapen David? Hoe gaat het met u, meneer Jansen? Dag Redouan, tot vanavond. Hé Denzel, ik heb nog geen screening met jou gedaan.’ Ze noemt veel mensen lieverd of schat. ‘Do you like tea, coffee?’ Als ze vraagt hoe het met iemand gaat, vragen de meesten ook hoe het met haar gaat. ‘Dag Rebecca, tot vanavond.’
Sommige mensen willen graag even iets kwijt, even iets vertellen en stoom afblazen. Hoe kort ook, in alle drukte neemt Rebecca voor iedereen even de tijd. ‘Ik hoor wat je zegt.’
Er komt een meneer zijn beklag doen over de staat van de douches. ‘Lieverd, niet iedereen heeft dezelfde hoge hygiënestandaard als jij,’ sust Rebecca.
Veel vragen
Veel mensen klampen haar aan met allerlei verschillende vragen. Waar moet ik zijn voor werk? Kan ik naar en dokter? Hoe kom ik aan schone kleren? Er is bovendien altijd haast bij, want de mensen moeten om 9:00 uur weer naar buiten, de straat op. Daarom willen ze meteen een antwoord hebben. En hoe hectisch het ook is, dat antwoord krijgen ze ook. Los van elkaar klampen deze ochtend toevallig drie mensen uit Afrika met Portugese papieren Rebecca aan met vragen om informatie over werk en andere zaken. Zij verwijst hen hiervoor geduldig naar het Wereldhuis en andere locaties voor dagopvang in de stad.
Verleiden
Er zijn twee zieke mensen in huis die van elkaar vinden dat de ander zich aanstelt. Met een van hen, een welbespraakte oude bekende van ons Mobiel team, is afgesproken dat hij tijdelijk naar De Aak gaat, een voorziening van HVO-Querido waar hij medische zorg krijgt. Op het laatste moment sputtert hij tegen. Osdorp is hem te ver uit de slinger, hij voelt zich thuis in de winteropvang en ook in het westelijk havengebied. Het lijkt een hele uitdaging te worden om hem over te halen. ‘Mop, je kan hier echt niet blijven.’ Rebecca probeert hem te verleiden met de belofte dat ze hem snel komt opzoeken bij De Aak. Of dat de doorslag gaf is onduidelijk, maar even later blijkt dat hij uiteindelijk zonder morren in de taxi is gestapt.
Naar buiten
Een van de bezoekers is behoorlijk boos. Hij voelt zich onheus bejegend en beent met enig misbaar de eetzaal uit. Hij kondigt aan dat ie weer in bed gaat liggen en schreeuwt dat hij vandaag zeker niet naar buiten gaat. Rebecca en haar team denken daar anders over. Tijd voor een korte heads up met de beveiligers van No Kidding. Enkele andere bezoekers van de winteropvang weten te melden dat de meneer in kwestie erg van discussiëren houdt en al een paar dagen ‘leip aan het doen is.’ Rebecca spoort een collega aan om rustig te blijven en zich niet te laten kennen.
Volgens haar komen mensen weliswaar primair naar de winteropvang omdat ze geen onderdak hebben, maar er spelen hier en daar ook de nodige ‘GGZ dingetjes.’
Suiker
In de eetzaal ontstaat kort wat commotie omdat een van de gasten zijn stem verheft. Het gaat om niks. Hij heeft andere ideeën over de juiste hoeveelheid suiker in zijn koffie dan de mensen achter de balie en is niet van plan in te binden. Volgens Brenda, een collega van Rebecca, komt dit omdat veel dak- en thuisloze mensen hun autonomie en de regie over hun leven behoorlijk kwijt zijn. Ze zijn boos op het systeem. Hoeveel suiker je in je koffie doet, is dan nog een van de weinige dingen waar je wel zelf over kunt beslissen. En daar gaan mensen dan soms de strijd over aan, dat is een spel.
‘Het kost tijd om het vertrouwen van mensen te winnen,’ aldus Brenda. ‘Bij de vaste gasten is dat in de meeste gevallen inmiddels wel gelukt, maar met de WKR krijg je steeds nieuwe mensen binnen. Mensen die we niet kennen en die ons niet kennen.’
Tandenborstels
Rebecca maakt eindeloos veel rondjes door de ruimtes en gangen aan de Transformatorweg. Het lijkt wel een doolhof. In de chaos zijn er voortdurend dingen kwijt. Deze ochtend zijn het de tandenborstels, een artikel waar begrijpelijkerwijs veel vraag naar is. Waar zijn nou toch de tandenborstels? Dan maar even met Sanne van der Leij van StreetSmart bellen, want wie op de T6 spullen zegt, zegt Sanne. Zij blijkt twee dozen te hebben klaargezet, maar iemand anders heeft die weer ergens in een kastje gestopt.
‘Als mijn hoofd niet vastzat…,’ verzucht Rebecca. ‘Weet je dat we sinds de Kerst maar twee dagen geen WKR hebben gehad? Het is hier altijd druk.’
Een nieuw probleem. Er zijn vanochtend vroeg maar dertig maaltijden geleverd voor meer dan driehonderd mensen. Na een telefoontje kan een pizzarestaurant de T6 uit de brand helpen. Gelukkig houdt bijna iedereen van pizza.
Bagage
Je mag je spullen niet meenemen naar de slaapzalen van de opvang. Die moet je bij binnenkomst afgeven. Mensen van de WKO kunnen hun bagage overdag op de T6 achterlaten, terwijl mensen die gebruik maken van de WKR hun spullen ’s ochtends weer mee moeten nemen. ‘Ik zie regelmatig klanten van ons lopen in de stad, met hun rugzak,’ aldus Brenda. ‘Vaak zit ons bagagelabel er dan nog aan.’
De eetzaal is inmiddels een stuk leger geworden. Om ook de laatste mensen aan te sporen om te vertrekken roepen de medewerkers dat het tijd is om te gaan. ‘Okay guys, negen uur, nine o’clock, time to go.’
AVONDDIENST

Emotie
Voordat de bewoners om 16:30 uur arriveren gaan begeleiders Melody en Youssef naar boven voor een laatste ronde door de slaapzalen die zij ingericht voor de WKR. De ruimtes zien er nu nog brandschoon uit. Men hangt onder meer de juiste nummers op de juiste bedden. Even is beneden, oneven is boven. In de meeste kamers staan drie of vier stapelbedden.
Youssef werkt sinds de start op 1 oktober bij de winteropvang. Volgens hem is het hier nooit saai omdat het altijd druk en dynamisch is. Bovendien is er bij de bewoners vaak veel emotie.
Als die emotie wel eens wat teveel wordt, komen de bewoners op voor hun begeleiders volgens Melody. ‘Dan zeggen ze: hé, doe normaal man, zij helpen ons alleen maar.’
Transformatorweg
Aan de kamers, de gangen en de hele opzet van het gebouw is nog goed te zien dat het gebouw ooit (in 1985) is neergezet als jeugdgevangenis, met verschillende voorzieningen zoals Amstelbaken en het Jongeren Opvang Centrum. Dat laatste zien we nog terug in de naam van het wifi-netwerk in het pand: JOC. Later op de avond vertellen verschillende bewoners dat ze vroeger een tijdje aan de Transformatorweg hebben gewoond toen het nog een jeugdinrichting was.
Avondmaal
In de kantine maken medewerkers de zes rechauds klaar voor het diner. Er zijn deze avond twee soorten soep, Marokkaans en Thais, en twee warme maaltijden. Je kunt kiezen uit een gehaktbal met aardappels en speciebonen of kip met rijst en gemengde groenten. Bewoners krijgen bij binnenkomst een roze plastic muntje en als ze inleveren krijgen ze een maaltijd.
Even dreigt de stroomvoorziening roet in het eten te gooien. Alle rechauds blijken op de een of andere manier aangesloten op één enkel stopcontact en daardoor slaan de stoppen door. Maar met extra verlengsnoeren en een rol ducttape is dit snel weer verholpen.
Kletsen
Er zijn vanavond twee nieuwe uitzendkrachten. Zij staan voornamelijk bij de soepketels en de maaltijduitgifte.
Olivia, een van de begeleiders, heeft haar moeder Alicia meegenomen als vrijwilliger en dat is niet voor het eerst. Ook zij houdt zich voornamelijk bezig met het opscheppen van eten en het uitdelen van koffie, thee en limonade. Bewoners van Poolse origine vinden het leuk dat ze met haar even in hun moedertaal kunnen kletsen.
Vlak voordat de deuren opengaan voor de bewoners pept Achmed het team nog even op. ‘Lieve collega’s, we gaan beginnen! Toi-toi-toi. WKR baby!’
Welkom
De eerste bewoners komen binnen. ‘Hallo, hello.’ ‘Goedenavond, lieve mensen.’ Over en weer groeten mensen elkaar vriendelijk, als oude bekenden. ‘He Mo, hoe is ie?’ ‘Ik sta nog!’ ‘How are you?’ Well, you know, 50/50.’ De eerste groep bestaat uit bewoners van de WKO. Dat is omdat vaste gasten veel sneller door de beveiliging gaan. Het binnenlaten van een grote groep mensen verloopt op deze manier efficiënter. Veel bewoners gedragen zich alsof ze thuiskomen na een dag werken. ‘Zo, eerst een kopje koffie, effe rustig aan.’ Anderen willen graag voor het eten douchen. Naast het buffet kunnen ze hiervoor een handdoek, zeep, shampoo, een scheersetje en een tandenborstel met tandpasta krijgen.
Eet smakelijk
Als het buffet opengaat, staan de bewoners keurig in de rij. Niemand dringt voor, er geen onrust of gedoe. De sfeer is gemoedelijk, bewoners zijn beleefd en begripvol. ‘Kip?!,’ roept één van hen hard door de stilte, ‘ik wil kamelenvlees!’ Maar dat is een grapje.
‘Do you like chicken?,’ vraagt een van de medewerkers achter de toonbank. En met een welgemeend ‘enjoy’ overhandigd ze een vol bord.
Sokken
Op verzoek zijn nieuw ondergoed en nieuwe sokken beschikbaar. Een meneer wil graag een nieuw paar sokken. In de drukte krijgt hij een paar aangereikt, maar nee, hij wil liever geen zwarte sokken. Die zijn veel te streng en hij is toch geen priester? De meneer kijkt op zijn gemak in de bak met sokken, kiest met zorg en vertrekt tevreden met een nieuw paar, grijs met een spikkeltje.
Bij de winteropvang kun je ook andere kleding krijgen, zoals een broek of een nieuwe jas, maar dat gebeurt op een ander, rustiger moment.
Gut
Er komt een meneer naar me toe. ‘Wat schrijf jij allemaal op?’ Ik vertel dat ik een stukje maak over de winteropvang. ‘Nah gut,’ zegt hij, en met een weids armgebaar naar diverse begeleiders, ‘schrijf maar op: diese zijn echt gut people.’
Een andere bewoner komt vol vuur op Rebecca af. ‘Jij hebt promotie gemaakt, je bent nu mijn allerbeste vriendin,’ verklaart hij. Rebecca tempert zijn enthousiasme enigszins. ‘Vanochtend had je nog de handhaving op je dak, zag ik.’ Maar deze bewoner laat zijn goede humeur niet bederven en wuift het weg.
Willem
‘Willem! Hoe gaat ie?’ ‘Kan beter,’ bromt Willem. Hij draait naar eigen zeggen al 32 jaar mee in het Amsterdamse daklozencircuit. Willem vertelt dat ie hiervoor een woninkje had in Noord. Na zijn tiende nieuwe begeleider hield hij het voor gezien. ‘Ik ben geen pingpongbal.’
Wat hij gaat doen als de winteropvang stopt op 1 april weet hij nog niet. ‘Doodgaan op straat.’
Goede opvang bestaat niet volgens Willem, je bent overal een nummer. Voor de winteropvang wil hij voorzichtig een uitzondering maken. ‘Hier hebben ze mij weer opgelapt. Daar ben ik dankbaar voor, anders was ik er niet meer geweest.’
Geheim
‘Wij hebben de leukste baan van Amsterdam,’ aldus Rebecca. ‘Soms voelt het hier onwerkelijk, als de onderwereld van Amsterdam, een second life, een parallel, geheim universum.’ En er zijn nog meer dingen die het werk op de T6 de moeite waard maken. ‘Het is een echt team,’ vertelt Rebecca. We werken hard met elkaar, de uren zijn brutal, maar samen zorgen we ervoor dat een grote groep mensen zich hier veilig, fijn en thuis voelt.’
Er komt een bewoner op ons af om een inzicht te delen. ‘Rebecca, leven is liefde.’
Sorry
We staan even buiten, op de binnenplaats voor de entree. De een om te roken, de ander voor wat frisse lucht. Er komt een meneer met een woeste baard door het hek. Hij loopt niet helemaal in een rechte lijn naar ons toe. Hij heeft duidelijk een boodschap. ‘Hé man, mijn excuses voor gisteravond man. Dat was gewoon niet goed.’ Hij geeft begeleider Achmed een boks en de kou is weer uit de lucht.
Even later blijkt dat deze gast zijn gevoel voor humor ook weer terug heeft. ‘Mevrouw, heeft u twee muntjes voor me? Ik heb namelijk zes maanden niet gegeten.’
Bagage
We staan bij de bagage. Een aardige Amsterdammer komt even snel een tas vol herenkleding brengen. Dat wordt altijd gewaardeerd.
De bewoners van de winteropvang sjouwen hun spullen op verschillende manieren met zich mee. De een komt met zijn hele hebben en houden in twee schamele plastic tasjes, terwijl een ander een rugzak inlevert die niet zou misstaan in een folder voor chique wandelvakanties.
Vanwege de brandveiligheid is er naast het bagagedepot een speciale kast om batterijen van eclectische fietsen op te slaan.
Veilig
Bij binnenkomst leveren bewoners hun spullen in. Uit veiligheidsoverwegingen mag je maar een paar dingen mee naar binnen nemen, in een doorzichtig plastic tasje.
Soms hebben bewoners nog even iets nodig uit hun tas, zoals medicijnen.
Nadat bewoners hun bagage hebben afgegeven worden ze door de beveiliging gefouilleerd.
Lachen
Tijdens het afgeven van hun spullen en het fouilleren moeten mensen even wachten. Over en weer maken bewoners en begeleider grapjes. Veel mensen kennen elkaar inmiddels al een paar maanden. ‘Onze bewoners hebben het niet makkelijk,’ aldus Youssef. ‘Wij laten ze toch even lachen. Dat haalt de spanning er een beetje af.’
Omdat de WKR van kracht is zijn er vanavond ook een paar mensen die voor het eerst van hun leven in een daklozenopvang gaan slapen. Deze nieuwelingen zijn zonder uitzondering heel erg nerveus en onzeker. ‘First time?’ vraagt Youssef begripvol.
Door
Er ontstaat een opstootje in de sluis voor de portier. Een bewoner van de winteropvang heeft het aan de stok met een bewoner van de opvang voor EU-burgers, ook van HVO-Querido, die in hetzelfde pand zit en dezelfde entree gebruikt. ‘Hey mister, don’t do that! This is our house!’ Als de hoofdbeveiliger ertussen springt en een keer zijn stem verheft is het weer klaar.
‘Gaan we door?’ vraagt Achmed aan zijn collega’s om het voorval af te sluiten. ‘Zeker, we gaan gewoon door,’ is het eensgezinde antwoord.
Wassen
Noa begon als invaller en werkt nu als regieverpleegkundige op de winteropvang. In die rol houdt zij zich bezig met de lichamelijke gezondheid van bewoners en onderhoud ze de contacten met artsen en medische diensten. Maar nu even niet. Noa heeft in de bagageruimte drie plastic zakken gevonden vol vieze kleren van een van de vaste bewoners. Niet zomaar vies, echt heel vies. Toch vindt Noa het zonde om deze kleding zomaar weg te weg te gooien. Zij stopt ze in de wasmachine. ‘We hebben er hier eentje staan, ik geloof dat we die eigenlijk niet horen te gebruiken, maar ja…’ Met haar neus dichtgeknepen vult ze de wastrommel.
Samen
‘Het leuke van het werk hier is dat iedereen elkaar helpt,’ aldus Noa. ‘Niemand is te beroerd om de handen uit de mouwen te steken, niemand voelt zich ergens te goed voor, welke functie je ook hebt. Die mentaliteit van “samen aan de slag,” spreekt mij aan. Als het een heel vies klusje is trekken we lootjes en dan doen de uitzendkrachten en vrijwilligers niet mee.’
Om 23:00 uur is de avonddienst afgelopen. Iets daarvoor is de nachtdienst gearriveerd, twee man sterk als de WKR van kracht is. Er zijn 177 bewoners in huis, 117 WKO en 60 WKR.
Breaking up
Op 1 april stopt de winteropvang. Vorig jaar verzorgde HVO-Querido samen met het Leger des Heils de overbruggingszorg op de T6, maar dit jaar is deze pilot door de gemeente gegund aan De Regenbooggroep. ‘Dat bekent dat ons team uit elkaar valt,’ aldus Rebecca. ‘The band is breaking up. Jammer, maar we bekijken het positief.’
Brenda gaat verder bij de Flexclub van HVO-Querido. Ze zal klanten van de winteropvang missen. ‘De mensen zijn zo leuk, ze hebben echt humor. Ik vind het mooi om iets te kunnen betekenen voor mensen in je eigen stad.’ Jeroen blijft bij het pand, hij gaat in april bij De Regenbooggroep aan de slag. Olivia gaat waarschijnlijk naar de Poeldijkstraat.
Noa is arts in opleiding en gaat dat in ieder geval afmaken en misschien ook wel een van haar andere studies.
Rebecca blijft zich voorlopig inzetten voor de doelgroep, zij gaat binnenkort aan de slag bij team Veldwerk Amsterdam van perMens.
















