Hilmano van Velzen, beter bekend als de dakloze dichter, was meer dan dertig jaar dakloos. Inmiddels woont hij met begeleiding van HVO-Querido op zichzelf in een huisje in de Amsterdamse Jordaan. Dichter is hij nog altijd en zijn artiestennaam houdt hij, die heeft hij ruimschoots verdiend.
Hilmano van Velzen (1967) wordt geboren in een working class gezin het district Brokopondo in Suriname. Zijn vader werkt als arbeider bij Suralco in een bauxietmijn. Vanaf 1974 verhuist het gezin in etappes naar Nederland, omdat zijn ouders vermoeden dat de onafhankelijkheid Suriname niet zal brengen wat wordt gehoopt. De Van Velzens komen in Leiden terecht en gaan vervolgens in Het Gooi wonen, eerst in Soest en dan in Maartensdijk.
‘In Suriname leerde ik op school over sneeuw, maar ik had het nog nooit gezien of gevoeld,’ vertelt Hilmano. ‘In Nederland moest ik erg wennen aan de kou.’
Rennen, van 13 tot 46 jaar oud
‘Op de een of andere manier had ik het altijd gedaan in het dorp. Als er iets aan de hand was, kreeg ik steevast de schuld,’ legt Hilmano uit. ‘Dus ik dacht, ik ga gewoon werken. Dan verdien ik wat geld en kan niemand mij meer ergens van beschuldigen. Dus zo rond mijn twaalfde had ik een baantje bij een manege in Maartensdijk. Toch viel het tegen.’
Hilmano gaat verder: ‘Op een dag kwam ik thuis van mijn werk en stond er politie bij ons voor de deur. Mijn vader vroeg brullend waar het geld was dat ik van de manege zou hebben gestolen. Gelukkig werd de vrouw van de manege erbij gehaald, die mij in een handomdraai van alle blaam zou zuiveren. Ook dat viel tegen, want zij zei dat alleen ik het had kunnen doen.’
‘Toen ben ik weggegaan en ben ik gaan rennen. En eigenlijk ben ik sinds dat moment blijven rennen. Van mijn dertiende tot mijn 46e jaar. Totdat de poëzie op mijn pad kwam. Als dichter ben ik gestopt met vluchten en rennen en kwam ik eindelijk een beetje tot rust. Als dichter heb ik opnieuw leren lopen,’ legt Hilmano uit.
30 jaar dakloos
‘Door de jaren heen ben ik meerdere malen bij HVO-Querido geweest,’ benoemt Hilmano. ‘Het lukte niet om ergens te blijven. Bij de Poeldijkstraat was ik een keer twee minuten te laat binnen. Twee minuten! Ik dacht dat het een grap was, maar ze lieten me keihard een nacht buiten staan. Pas sinds ik dit huisje heb, ervaar ik een soort stabiliteit.’
Hilmano legt uit: ‘Een keer in de week komt mijn begeleider, hier langs. Zij is goed. We praten over alles, ook over hele praktische dingen. Het is fijn om in de Jordaan te wonen. Jordanezen zijn emotionele mensen, ze houden van zang en poëzie. Ik ben hier behoorlijk geland.’
Artistieke omgeving
Hilmano: ‘Na de lagere school heb ik mavo gedaan. Dat is het zo’n beetje. Maar je leert niet alleen op school. Ik kwam veel bij Jasper Grootveld over de vloer, de bekende anti-rook magiër. Dat was een artistiek milieu, met boeiende mensen: Karel Appel, Simon Vinkenoog, Johnny van Doorn. We gingen ook vaak naar café Scheltema.’
‘Omdat we nooit op vakantie gingen en ik behoorlijk teruggetrokken leefde, reisde ik in mijn hoofd en in boeken,’ legt Hilmano uit. ‘Lezen heb ik mezelf eigen gemaakt, daar hadden we het nooit over op school. Stapels boeken haalde ik bij de bibliotheek. Ik las alles: strips, Homerus, Griekse mythologie, Pinkeltje, Neruda, Vargas Llosa, Baudelaire en Rimbaud, Wilde, Byron en Shakespeare. De Russen vond ik ook prachtig, Poesjkin, Dostojewski, Nabokov, ik houd van dikke boeken. Tegelijkertijd hield ik van Marvell comics en van de strips van Moebius. Dat is een wereld op zich. Mijn vader vond het nooit leuk als ik strips las.’
‘Lezen maakte me rustig,’ vertelt Hilmano. ‘Het had op mij hetzelfde effect als mooie natuurfilms. Ik hing ook graag in de bibliotheek rond.’
Van lezen naar schrijven
Hilmano: ‘Nu ben ik niet meer zo’n lezer en meer een schrijver. Proza en vooral poëzie. Ik heb het al vaker verteld. Om indruk te maken op een vrouw wilde ik haar iets geven, maar ik had geen geld, dus toen droeg ik een gedicht voor haar voor. Een omstander vond dat zo mooi dat ie ter plekke vijftig euro voor me pinde. Toen besefte ik dat dichter ook een beroep kan zijn.’
‘Nu blijf ik nog steeds geïnspireerd door een belangrijke vrouw in mijn leven. Iris, mijn meisje, is mijn muze. Zonder haar had ik het niet gered en zou ik niet verder kunnen,’ zegt Hilmano.
Hoe schrijft Hilmano zijn poëzie?
‘Ik denk er niet teveel over na, ik schrijf het gewoon op,’ benoemt Hilmano. ‘Eindeloos schaven aan zinnen heb ik nooit gedaan, het komt in één keer. Mijn onderwerpen staan in een lange, tijdloze traditie: liefde, gemis, eenzaamheid, dood en dromen. Daar is zo’n beetje alle poëzie op gebaseerd. Poëzie is voor mij een hart vol liefde.’
Wat biedt poëzie schrijven aan Hilmano?
‘Het dichterschap is voor mij de erkenning dat ik toch iets kan. Dat geeft zelfvertrouwen,’ zegt Hilmano. ‘Ik ontmoet mensen die zeggen dat ze zich door mijn poëzie getroost voelen, dat het ze raakt. Mensen moeten soms zelfs huilen door mijn gedichten. En dat raakt mij weer. Ik ben nog niemand tegengekomen die het niet mooi vond.’
‘In 2017 heeft museum de Hermitage mij gevraagd om een bijdrage te leveren aan de bundel Hollandse Meesters, Hollandse Dichters, waarin tien dichters een schilderij bezingen. Mijn gedicht gaat over de zondvloed, het is bij een schilderij van Cornelis Connelisz. van Haarlem. Een van mijn leraren zei ooit: hij zal nooit Nederlands leren omdat hij daarvoor te dom is, maar ik heb iedereen laten zien dat ik geen idioot ben. En nu sta ik wel mooi in een boek samen met de fine fleur van de Nederlandse dichtkunst: Ellen Deckwitz, Anna Enquist, Cees Nooteboom, Ilja Leonard Pfeijfer, K. Schippers,’ benoemt onze niet-meer-Dakloze Dichter.
Na ons de zondvloed
‘Eindelijk,’ moeten zij allen hebben gedacht
‘Eindelijk zijn we weg van die gestoorde Noach.’‘Hoe hard heeft hij ons de laatste weken
Niet laten zwoegen, bouwen aan zijn
Boot, zijn Ark,
Terwijl hij maar niet ophield, met hel en verdoemenis
Uit te kramen.’‘Kunnen we lekker los, eindelijk.’
‘Uit eerbied voor zijn respectabele leeftijd,
Luisterden we allen naar zijn
Gestoorde voorspelling over de Schepper van
Al wat leeft en niet leeft, maar je
Toch voelt, hoort of ziet.’‘Deze gekrenkte Onze Vader die uit teleurstelling over,
Geloof het of niet, zijn eigen
Schepping, alle mensen, dieren en planten,
Maar dan ook alles, dreigt te
Vernietigen met de gesel van een teleurgestelde God.’‘Hoe verzin je zoiets? Die ouwe is echt aan
Het doordraaien, gestoord zeg ik je,
Van lotje getikt.‘Al weken doen we of we in hem geloven,
Maar dit houdt toch geen mens vol?’‘Zelfs de besten worden nog beter behandeld dan
Zijn bloedeigen familie.’‘Wat zei hij ook alweer? Vanaf morgen zou het
Beginnen te regenen totdat de
Gehele wereld is verdronken en vermoord.
Dat geloof je toch niet?’‘Als hij niet ons aller vader was, het hoofd van de
Familie, ik zweer het je, we hadden hem zonder
Pardon gestenigd.’‘De zondvloed. Kan ’t nog gekker?
Die man is echt van God los.’‘Eindelijk kunnen we nu los. Aan de drank,
De seks – en misschien heeft iemand
Aan wat drugs gedacht.’
Wonen biedt rust
Hilmano: ‘De poëzie zat altijd al in mij, maar ik wist het nog niet. Dat komt ook omdat ik altijd maar aan het rennen was. Nu, met mijn eigen plek, mijn eigen huisje, hoef ik niet meer te vluchten. Dat geeft rust en tegelijk komen er ook allerlei gevoelens en pijn los die ik 30 jaar lang heb weggestopt. Maar nu is het wegrennen wel mooi geweest. Nu blijf ik hier wonen. Ik moet een hoop leren en inhalen. Wist je dan ik pas een jaar een smartphone heb?’
Poëzie biedt reuring
‘Poëzie is ook een soort business,’ vertelt Hilmano. ‘Optredens regelen, openingen doen, interviews geven, documentaires maken, mijn social media bijhouden, gedichten verkopen, het is echt werken. Ik heb heel veel plannen en ben met veel dingen tegelijk bezig.’
Als de Dakloze Dichter heeft Hilmano al veel interviews gegeven. Aan Argos van de VPRO, aan NRC, Het Parool en Salto. Hij is bij Koffietijd geweest en bij Met het oog op morgen. Momenteel worden er twee documentaires over hem gemaakt en laatst stond er een fotoreportage in Het Parool. Daarnaast is hij bezig een stuk met dagblad Trouw.
Mijn stad
Neem mij niet kwalijk dat ik een stad anders zie dan de meesten
30 jaar lang heb ik gedwaald, gerend
Op de vlucht voor een leugen.
Ik keek toen naar mensen, stadsmensen
Ik keek en zag hun vluchtig, te vlug
Zo snel heen en weer, geen rust.
Ik zag licht in een spoor van bijster, van duister.
Ik zag en las
Een man na 15 jaar alleen dood gevonden, na 15 jaar
Ik zag onzichtbaar, ontroostbaar als ik was.
Ik zag een stad zo groot, zo doelloos,
Zo vervuild, zo vereenzaamd, zo alleen.
Ik zag een stad, maar ik weet zeker dat deze stad die ik zag nooit
De stad kon zijn waar ik nu ben.
Poëzie kopen van de Dakloze Dichter
De dichter Hilmano van Velzen verkoopt zijn in eigen beheer uitgegeven poëziebundels ‘Poëzie en pinnen,’ ‘Sassebras’ en ‘Poëzieporno.’ Neem hiervoor contact met hem op via dedadiamsterdam@gmail.com.
Waar vind je de Dakloze Dichter nog meer?
Hilmano van Velzen is lange tijd alleen bekend in Amsterdam. Op straat spreekt hij mensen aan en vraagt of hij met zijn welluidende stem een gedicht mag voordragen.
Isa Hoes laat in 2015 een fragment van Hilmano zien bij RTL Late Night en neemt een van zijn gedichten op in het nawoord van het door haar samengestelde boek Gedichten die vrouwen aan het huilen maken. Zijn bekendheid groeit verder als weblog Dumpert in 2016 enkele keren aandacht aan hem besteed.
In 2017 is Hilmano van Velzen met onder meer directeur Taco Dibbits van het Rijksmuseum, Ajax-voetballer Abdelhak Nouri en presentator Humberto Tan te zien en horen in het filmpje Amsterdam belooft ter ere van burgemeester Van der Laan dat onder meer in De Wereld Draait Door wordt uitgezonden.




