Nieuws

Havenstraat, bijzonder pand voor bijzondere doelgroep

In het voormalige Huis van Bewaring aan de Amsterdamse Havenstraat heeft HVO-Querido tijdelijk een passantenpension voor 150 dak- en thuislozen ingericht totdat de British School of Amsterdam het pand in 2018 zal gaan betrekken.

Lenie Schipper, projectleider en teammanager bij de passantenopvang van HVO-Querido, geeft toe dat ze al een beetje sceptisch was. ‘Ik dacht: klanten zonder OGGZ-problematiek, dat moet ik eerst zien,’ aldus Schipper. ‘Helaas heb ik een beetje gelijk gekregen, er bleken toch mensen tussendoor te zijn geglipt met de behoefte aan meer zorg. We zijn daarom nu bezig met een herstelactie om een passende plek te organiseren voor degenen die meer hulp en begeleiding nodig hebben en om nog alleen de juiste mensen binnen te krijgen. De mensen voor wie de Havenstraat is bedoeld, wij noemen ze gasten, zijn “gewone” mensen zoals jij en ik. Ze hebben te kampen met tegenslag in hun leven, waardoor ze op straat staan. Wij bieden ze tijdelijk onderdak en in die periode moeten ze hun leven weer op de rails krijgen.

Medewerkers Passantenpension Havenstraat

Peer-to-peer

Dat doen ze grotendeels zelf, wij bieden alleen onderdak. We hebben geen tijd en geld, dus ook niet de bezetting, om alle gasten te begeleiden, dat is ook niet de opzet van het Passantenpension. We signaleren wel eventuele problemen en verwijzen dan naar de juiste hulp. We proberen ook allerlei dingen te organiseren om ze op weg te helpen. Zo houden collega’s van WPI (Werk, Participatie en Inkomen) hier spreekuren en geven ook trainingen. We maken ook dankbaar gebruik van vrijwilligers onder onze clientèle, zo kunnen vaardigheden en kennis overgaan van gast tot gast, peer-to-peer.
Het zijn over het algemeen rustige mensen.
Elke maand houden we een zogeheten gastenoverleg. Dan kunnen mensen vertellen wat er goed gaat en wat er beter kan en worden er tips en ideeën uitgewisseld.

Geschikt gebouw

De Havenstraat is een voormalig Huis van Bewaring. We hebben per cel een bed. Gasten kunnen voor 3 euro 50 een goede maaltijd kopen.
Er zijn tot nu toe enkele mensen geweest die last hadden van het feit dat het gebouw een gevangenis is geweest. Die hebben we elders kunnen onderbrengen.
Het pand is prima en uitstekend geschikt voor dit doel. Het enige waar ik onze gasten tot nu toe over heb horen klagen, is dat er geen wifi op de kamers is, maar alleen in de gemeenschappelijke ruimtes.

Rustig

Ons team bestaat in totaal uit 14 mensen. Twee begeleiders in de ochtend, twee in de avond en één ’s nachts. En we hebben ook een bewaker in de nacht.
Overdag is het hier heel rustig, want verreweg de meeste mensen hebben een baan of een dagbesteding. Een paar gasten doen voor ons klusjes in huis. Er hangt er een goede sfeer binnen. We behandelen de mensen als gasten en er zijn weinig regels. Er wordt een beroep op het gezonde verstand gedaan en dat werkt tot nu toe.
De meeste gasten, ruim 90 procent, zijn mannen, maar er is een speciale vrouwenvleugel met aparte douches. We hebben nu ongeveer 110 mensen in huis, dat is nog niet de maximale capaciteit, die is 150.’

Michael van Engelenburg, Passantenpension Havenstraat

Michael van Engelenburg (1974) is een van de gasten van passantenpension Havenstraat. Ofschoon geboren in Nederland voelt hij zich eerder een wereldburger of althans een European. ‘Momenteel zit ik in een in between periode, Ik was jarenlang aan het reizen en kwam eigenlijk per toeval terug in Nederland,’ vertelt Michael. ‘Dan merk je dat er voor jou niks is als je niet in het systeem zit, dan val je er letterlijk buiten. Een ID-kaart aanvragen, terwijl je geen ID hebt. Je kunt je pas inschrijven als je een ID hebt en je krijgt pas een ID als je ergens staat ingeschreven. Een soort Catch 22. Ik ben er zo lang mee bezig geweest, ik weet nu alles van het kastje en de muur. Ik had steeds het gevoel in een treintje achteruit te zitten.

Stappen vooruit

Van oorsprong ben ik ICT-er, maar door de gaten in mijn CV tel ik op mijn vakgebied niet meer echt mee. Daarom werk ik nu zoveel mogelijk als klusjesman, want ik ben best handig. Dat is ook zoiets. Als je in de bijstand zit, is het niet mogelijk om je als zelfstandige bij de Kamer van Koophandel in te schrijven. Ik wil mijn eigen geld verdienen, ik wil stappen vooruit zetten, maar de regels werken tegen. Het komt erop neer dat de bijstand zegt dat ik beter kan ophouden met mijn activiteiten, anders stopt mijn uitkering. Dat stimuleert niet.

Rustig

Uiteindelijk heeft een ambtenaar van de Jan van Galenstraat mij het voordeel van de twijfel gegeven, daar heb ik echt waardering voor, en kon ik terecht bij passantenhotel Boerhaave [ook van HVO-Querido, red.]. Vandaar ben ik hier terechtgekomen. Een cel als onderkomen vond ik in het begin wel moeilijk, het is toch een beladen plek. Maar het went en, om het positief te zien, ondanks de drukte heb je door die dikke muren nauwelijks geluidsoverlast en is het hier behoorlijk rustig.

Rapportcijfer

Het aardige van hier verblijven is dat je af en toe een paar mensen spreekt. De meesten hier zijn goed bezig, bezig om hun leven weer op te bouwen. Sommige begeleiders zijn wel aardig, anderen zijn een beetje bevoogdend. Maar ik heb geen begeleiding nodig, dus ik heb er geen last van. Het is wel een goede zaak dat dit pension er is. Als rapportcijfer zou ik het een 8 geven, of een 8-.

Vangnet

De toekomst? Ik ga door, ik blijf het gewoon proberen als klusjesman en ICT-er. Momenteel ben ik een klantenkring aan het opbouwen. Als zelfstandige heb ik een businessplan ingediend bij de gemeente om aan de eisen van de bijstand te voldoen. Ik heb liever geen uitkering, maar ik moet wel leven. Ik heb niet veel geld nodig, alleen een vangnet.’

Koepel Havenstraat

Over het pand

Het complex aan de Havenstraat 6 is ontworpen door de architect en rijksbouwmeester Willem Cornelis Metzelaar. Een rozet met zijn monogram WCM in het timpaan herinnert hier nog aan. De bouw start in 1888. De gevangenis heeft een kruisvormig grondplan met drie cellenvleugels van vier lagen en een vierde vleugel met centrale hal en een kerk. Het is een sober gebouw, een van de weinige decoratieve elementen is het rijkswapen in de gevel. Bij de oplevering in 1890 ligt de gevangenis nog niet in Amsterdam, maar in de weilanden buiten de stad in de relatieve leegte van buurgemeente Nieuwer-Amstel.

Verzetsstrijders

De Havenstraat is tot 1940 een strafgevangenis en wordt net voor de Duitse inval omgedoopt tot Huis van Bewaring II omdat het eerste Huis van Bewaring aan de Weteringschans kampt met een tekort aan capaciteit. Tijdens de oorlog zitten er veel verzetsstrijders gevangen in de Havenstraat, zoals de bekende Reina Prinsen Geerligs en Hannie Schaft. Vanwege dit laatste speelt de Havenstraat een rol in de verzetsroman Het meisje met het rode haar van (1956) Theun de Vries.

Raam van een cel in het HvB aan de Havenstraat op een tekening uit 1941 van Jo Spier. Het ronde plafond, de vorm van het raam en de ventilatieroosters daaronder zijn anno 2017 hetzelfde gebleven.

Raam van een cel in het HvB aan de Havenstraat op een tekening uit 1941 van Jo Spier. Het ronde plafond, de vorm van het raam en de ventilatieroosters daaronder zijn anno 2017 hetzelfde gebleven.

Asielzoekers en winteropvang

Met de komst van de Bijlmerbajes in 1978 verliest de Havenstraat zijn functie, het wordt begin jaren tachtig onder meer gebruikt als wooncommune door de Baghwanbeweging en als thuisbasis van het Internationaal Folkloristisch Danstheater.
Maar wegens een tekort aan cellen doet de Havenstraat van 1987 tot 2013 opnieuw dienst als Huis van Bewaring. In 2015 en 2016 is het gebouw enige tijd in gebruik als noodopvang voor asielzoekers. Van december 2016 tot april fungeert het als locatie voor de winteropvang van dak- en thuislozen in Amsterdam.
De periode in de jaren tachtig waarin de Havenstraat geen gevangenis meer is, komt uitgebreid aan bod in de roman Advocaat van de hanen (1990) van A.F.Th. van der Heijden. Beide hoofdpersonen, advocaat Ernst Quispel en kunstenaar Albert Egberts, hebben een werkruimte in het voormalige Huis van Bewaring II. Verder verblijven er vooral krakers in de Havenstraat. De geheel fictieve maar niet minder gewelddadige ontruiming van het gebouw is een van de dramatische hoogtepunten in de roman. De Havenstraat keert sporadisch terug in de opvolger Kwaadschiks (2016). Van der Heijden is goed bekend met het pand, hij heeft er zelf enige tijd een werkruimte gehuurd, aldus het tijdschrift Ons Amsterdam.
Precies in diezelfde ruimte wordt Albert Egberts in de roman Onder het plaveisel het moeras (1996) opgesloten. Van der Heijden beschrijft de cel in het hoofdstuk ‘Vlucht in de kooi’.

Albert zou de laatste bewoner zijn van kamertje 1.0.11 in het oostelijk cellenblok. Het had snotgroene wanden, een klassieke celdeur als in de film, terwijl het halfronde plafond er iets plechtigs aan gaf, als bij een kapel. […]
In het raam van cel 1.0.11 zat gewapend matglas. Eronder was een rijtje scharnierende kleppen waarmee kleine luchtroosters konden worden afgesloten.

Passantenpension Havenstraat

Passantenpension

Inmiddels is het pand verkocht aan de British School of Amsterdam dat het monument uit de 19e eeuw in 2018 ingrijpend gaat verbouwen en uiterlijk in 2020 zal betrekken. In de tussentijd gebruikt HVO-Querido het voormalige Huis van Bewaring aan de Havenstraat tijdelijk als passantenpension met 150 kamers.
Een passantenpension is een hotelachtige voorziening waar zelfredzame, dakloze mensen voor ongeveer zes maanden een gemeubileerde kamer huren en in alle rust aan een oplossing voor hun situatie van dakloosheid werken. Het gaat om mensen zonder zorgindicatie, die om uiteenlopende redenen tijdelijk geen woning hebben.

 

 

Reacties ( 0 )

    Geef een reactie

    Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *